Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
80
TIENDE LES.
Van het lijden Tan Christus en de verlossing.
§ 1.
1 V. Waarom is God de Zoon mensch geworden?
A. Om ons door zijn voorbeeld en zyne leer den
"weg naar den hemel te toonen , en om ons van de
slavernij des duivels en den eeuwigen dood te verlossen.
Vóór de zonde ran Adam was er geen lijden; doch om
die zonde had God besloten, was het zijn wil, dat de mensch
door lijden zijne zaligheid bewerken zou. God de Zoon is
om twee redenen mensch geworden.
Ten Iste om ons den weg naar den hemel te toonen. Te
toonen, dat wil zeggen : ons den weg naar den hemel te laten
zien , aan te wijzen.
Op twee manieren heeft Christus ons den weg naar den
hemel getoond. Door zijn voorbeeld en door zijne leer of
zijn woord. — Zooals wij gezegd hebben in de vorige les. —
Dertig jaren hoofdzakelijk door zijn voorbeeld in het huisje
van Nazareth, en dit noemt men het verborgen leven, en drie
jaren door zijn voorbeeld èn woord of door zijn prediken ,
en dit noemt men het openbaar leven v&n Jesus. (Vgl. Les )
Er zijn twee wegen naar de eeuwigheid, de breede weg of
de weg van pleizier, en deze loopt op de hel uit, en de
smalle weg of de weg van lijden, waarop Jesus ons is voor-
gegaan, en deze loopt naar den hemel; buiten dien éénen
smallen weg van lijden, of boetvaardigheid, is er geen andere
hoegenaamd, die naar den hemel leidt.
Zijn wij dus niet op dien weg, zoeken wij eenen anderen,
dan kunnen wij niet in den hemel komen ; want als er maar
één weg naar eene stad leidt, dan moeten wij noodzakelijk
■op dien eenen weg zijn, of wij kunnen er niet komen.