Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
55
ZESDE LES.
Yan de H. Drieyuldigheid.
1 V. Wat is de H, Drievuldigheid ?
A. God de Vader, God de Zoon en God de
H. Geest; drie onderscheidene Personen en maar één
God.
2 V. Hoe kunnen drie onderscheidene Personen
maar één God zijn ?
A. Omdat zij alle drie maar één en hetzelfde
goddelijk wezen, of dezelfde goddelijke natuur hebben.
Uit de 2« V. der vorige Les hebben wij geleerd, dat er
maar één God is, ja, zijn kan. Hier leeren wij, dat de
éénheid Gods te verstaan is van zijne goddelijke natuur, van
zijn oneindig volmaakt wezen. In den eenig waren God is
onder een ander opzicht, tevens drievuldigheid, nl. , in per*
sonen. (Vgl. 2^ Les, 5 V.)
Dat er in God drie onderscheidene personen zijn , Ood de
Vader t God de Zoon en God de H. Geest, blijkt duidelijk uit
het Symbolum des Geloofs. Want zeggen wij in het eerste
artikel: Ik geloof in God, den Vader, in het tweede zeggen
wij even uitdrukkelijk: En in Jesus Christus ^ zijnen éénigen
Zoon^ en in het achtste alweer even uitdrukkelijk: Ik geloof
in den H. Geest.
Beteekent dan het woord Drievuldigheid uit zijn aard: een
wezen, dat, onder zeker opzicht, één, en tevens, onder
ander opzicht, drievuldig is, dan is dit woord H. Drie^
vuldigheid'' zeer eigenaardig gekozen en met recht in de H.
Kerk algemeen aangenomen om belijdenis te doen, dat er in
God zijn: drie onderscheidene Personen, alle drie waarachtig
God, t. w.. God de Vader, God de Zoon en God de H. Geest.