Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
519
gerekend worden onder de kinderen Gods, en hoe hun lot
onder de heiligen is! (v. 5.) Wij waren dan afgedwaald van
den weg der waarheid (van den eenen waren weg tot geluk
en zaligheid, nl., den weg van godsdienst en dengd), en
het licht der gerechtigheid bestraalde ons niet (wij verkeerden
door onze eigen schuld in de duisternissen der ongerechtig-
heid) , en de zon des verstands ging niet voor ons op. (v. 6.)
Wij hebben ons afgemat op den weg der ongerechtigheid en
des verderfs en moeilijke wegen bewandeld, maar den weg
des Heeren (die ons door den Heer onzen God was voorge-
schreven , nl., den weg van godsdienst en deugd) hebben wij
(practisch) niet gekend (niet bewandeld v. 7.) Wat nu deed
ons die hoogmoed , of welk voordeel bracht ons het pochen
op onzen rijkdom aan ? (v. 8.) Voorbijgegaan is dat alles (al
onze grootspraak, rijkdom, vermaak, genieting der wereld,
enz.) „voorbijgegaan als eene schaduw." (v. 9.)
Kortstondig is 't verblijden ,
Eeuwig het lijden.
Ten 3 derven de verdoemden in de hel al hetgeen hen eenigs*
zins zou kunnen troosten, d. w. z., zijn beroofd van allen troost.
Zij kunnen zelfs bij God geen troost meer vinden. God is
de vader der erbarmingen, en de God van alle vertroosting (vgl.
2'« Br. aan de Korinth. I, 3), maar niet voor de verdoemden.
Eenmaal voor altoos heeft Hij hen gevloekt; voor hen geen
barmhartigheid meer, geene vertroosting; zij ondergaan de
gestrengheid zijner rechtvaardigheid en welverdiende wrake.
Bijgevolg kunnen de verdoemden in de hel ook geen troost
meer vinden bij Maria, „de troosteres der bedrukten," noch
bij eenig ander Heilige of zalige, niet eens bij degenen, die
vroeger met hen in de nauwste betrekking stonden door
bloed- of aanverwantschap of welken band van liefde ook.
Want de zaligen erkennen de rechtvaardigheid van het eens
voor altijd over de verdoemden gevelde vonnis, waardoor
deze geen deel meer met hen kunnen hebben in de hemelsche
glorie, en dus hunne evennaasten ook niet meer zijn. (Vgl.