Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
475
de eeuwige waarheid, zelf doet, dat de verdienstelijkheid der
goede werken verloren gaat, wanneer zij alleen of voornamelijk
natuurlijk zelfbehagen of zelfverheffing, of wel eer en achting
der menschen tot drijfveer of doel hebben. Doen wij ze dus
alleen of voornamelijk uit zulke beweegreden of met zulk doel,
dan hebben wij er geen loon voor te wachten bij onzen Vader,
die in den hemel is, hoe voortrefi'elijk , ja heldhaftig ze ook
uit hun aard zouden zijn. De reden hiervan is , omdat een
uit zijn aard ook nog zoo goed werk door zoodanig onge-
regeld , verkeerd , kwaad doeleinde zelf geheel en al kwaad ,
in plaats van een deugdelijk, een zondig werk wordt, en
dns niet ter eere Gods kan gestierd worden , geen loon kan
waardig zijn, geen loon , maar straf verdient.
Wij moeten derhalve nauwlettend acht geven op debedoe*
lingen van ons hart, opdat nooit eenig verkeerd inzicht de
eenige of voorname drijfveer, het eenig of voornaam doel van
onze werken worde. Verder moeten wij zorg dragen bij al
ons doen en laten minstens voornamelijk de eer Gods ten doel
te hebben, alle onze werken althans voornamelijk ter eere Gods
te doen. £.omt er dan, gelijk uit menschelijke zwakheid
lichtelijk kan gebeuren, soms een inzicht of eene beweegreden
bij, die uiteraard eene dagelijksche zonde is, of sluipt zoo-
danige omstandigheid tusschen het goede werk, dat we met
geheel zuivere meening ter eere Gods hadden begonnen;
zeker dan verliezen wij tot straf van dat bijkomend minder
goed doel, van die bijkomende min zuivere beweegreden, of
van die tusschengeslopen omstandigheid wel een gedeelte der
verdiensten, maar, Goddank, verliezen we niet geheel de
verdiensten , niet alle verdiensten van het goed werk, dat we
op die wijze verrichten, omdat dat werk dan onder zedelijk
opzicht als tweeledig wordt, goed en kwaad te gelijker tijd»
maar in hoofdzaak toch een wezenlijk deugdzaam , en dus
verdienstelijk werk blijft.
Waarlijk, die leering houdt rekening met's menschen zwak-
heid, en biedt godvruchtige menschen troost en bemoediging