Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
473
A. Neen; het is voldoende, dat men des morgens
eene goede meening maakt en die van tijd tot tijd
vernieuwt.
Deze vraag dient ter verklaring van het tweede vereischte
om door onze goede werken den hemel, in strengen zin, te
verdienen, nl., dat wij ze moeten verrichten ien l^t« in staat
van gratie, en ten ter eere Gods.
Wat wil dat zeggen: onze goede werken doene^re öois.^
Wat dit zeggen wil, kan men op verschillende wijzen uit-
drukken ; in hoofdzaak echter komen alle die zegswijzen of
uitdrukkingen op hetzelfde neer. Onze goede werken doen
ter eere Gods, w. z., al ons doen en laten stieren tot verheer-
lijking Gods; alle onze handelingen bezielen door de deugd
van godsdienstigheid (vgl. 4'!'' V.); alles doen ten dienste van
God; uit liefde Gods (vgl. volg. Les en 2'i«V.); alles doen
in den naam van onzen Heer Jesus Christus , om Gods wil of
verlangen te volbrengen, om aan God te behagen ; — kortom :
met eene goede meening, eene zuivere intentie. Dat wij onze
goede werken moeten verrichten ter eere Gods om er den
hemel door te verdienen, om er verdiensten voor den hemel
door te verzamelen , om er bij God recht op belooning door
te verwerven, duidt reeds het gezond verstand, 's menschen
natuurlijke rede, genoegzaam aan, en de goddelijke open-
baring, de christelijke leering bevestigt zulks nadrukkelijk.
Het getuigenis van het gezond verstand zult ge het gemak-
kelijkst begrijpen door eene vergelijking. B. v. uw vader
heeft een werkman gehuurd om voor 1 gulden daags voor
hem , te zijnen dienste , dit of dat werk te verrichten. In
plaats nu van, volgens accoord, vandaag voor uw vader te
werken, gaat de man voor een ander of voor zich zelven
werken. Toch komt hij 's avonds bij uw vader om zijn loon,
zijn gulden vragen. Wat denkt ge, dat hij ten antwoord zal
krijgen P Op zijn allerzachtst: maar vriend, ge hebt niet voor
mij gewerkt, dus hebt ge van mij ook geen loon te wachten.