Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
414
tegen een of ander der geboden Gods, of der H. Kerk of
van eenige andere wettige overheid.
Ten versuhilt dns de dagelijksche zonde in haar aard
van de doodzonde. Immers hoe strijdt de dagelijksche zonde
tegen de wet GodsP Zóó, dat zij de goddelijke liefde niet weg-
neemt, terwijl doodzonde zóó strijdt tegen de wet Gods, dat
zij ons berooft van de goddelijke liefde, die het leven onzer
ziel is. (4'ie V.)
God is eGü goede Vader voor zijne kinderen. In zijne
goedheid zegt Hij hun zijne vriendschap niet op voor uit
haar aard kleine, of niet volkomen vrijwillige overtredingen
zijner wet. God kent ons maaksel. Hij kent veel beter, ja
oneindig beter dan wij zeiven , de krankheid, de zwakheid
onzer natuur, gewond door de erfzonde. (Vorige Les, 5''®
en 6'^® V.) Welnu, omdat zelfs de heiligste, de braafste
menschen, ten gevolge der menschelijke zwakheid, in dit
sterfelijk leven bijna dagelijks in eene of andere kleine zonde
vallen, welke de goddelijke liefde niet wegneemt, niet doet
verliezen, worden deze zonden dagelijksche zonden genoemd.
10 V. Wanneer is eene zonde dagelijksche zonde?
A. Als zij zonder genoegzame kennis of zonder
genoegzaam vrijen wil gedaan wordt, of als de zaak
klein is.
Eene zonde is dagelijksche zonde, als zij gedaan wordt of
ten , zonder die genoegzame kennis, of ten 2'^®, zonder dien
genoegzamen vrijen wil, welke vereischt wordt om eene dood-
zonde te zijn , al ware ook de zaak op zich zelve of in hare
omstandigheden groot; of ten 3'i®, als de zaak èn op zich
zelve, èn in hare omstandigheden klein is.
Dit alles is klaar en duidelijk voor alwie de verklaring
der V. begrepen heeft.
11 V. Wat kwaad doen ons de dagelijksche zon-
den ?