Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
407
A. Neen, want op het oogenblik, waarop het die woorden
uitsprak , wist het volstrekt niet, dat ze een vloek waren ,
en zijne onwetendheid was op zich zelve niet schuldig. De I
later opgedane kennis , dat die woorden wezenlijk een vloek
zijn , verandert de daad niet, die het vroeger in onschuldige I
onwetendheid bedreef. j
Een ander voorbeeld. Een kind van zepen, acht, negen I
jaren heeft eens leelijk, vuil, onzedig, onkuisch gespeeld j
met een of meerdere van zijne broertjes of zusjes, neefjes
of nichtjes; het wist heel goed, dat dit onzuiver spel groot
kwaad, grootelijks ongeoorloofd was; maar het wist volstrekt
niet, dat de omstandigheid van bloedverwantschap de zonde
van onzuiverheid merkelijk verandert. Zeker moest het zich
in de Biecht beschuldigen, eens een vuil spel te hebben
gedaan. Maar moet het nu, als het later, uit de 28'" V. \
der Les begrijpt, dat die omstandigheid van bloedver- \
wantschap de zonde van onkuischheid merkelijk verandert, i
die omstandigheid ook nog biechten , er bijvoegen ? i
A. Neen; want aan die omstandigheid heeft het zich niet
schuldig gemaakt, omdat het kind op het oogenblik, dat het
die zonde bedreef, volstrekt niet wist, dat die omstandigheid
zijne zonde merkelijk veranderde. Die onwetvïudheid kan
zeker bij zulk kind onschuldig zijn.
Nog een voorbeeld , nl. van onschuldige onbedachtzaamheid.
Iemand weet zeer goed , dat hij Vrijdags of Zaterdags of
op vastendagen geen vleesch mag eten. In de zekere meening,
dat het Donderdag is in plaats van Vrijdag, eet zoo iemand
op Vrijdag vleesch bij zijn ontbijt, of terwijl hij er in't geheel
geen erg in heeft, dat het vandaag, b. v. daags vóór het
feest van St. Petrus en Paulus, enz., vastendag is, eet hij
vleesch bij zijn boterham. Een ander ziet dat, en zegt:
maar, jongen, weet ge wel, dat ge vandaag geen vleesch
moogt eten, want het is Vrijdag, of vastendag. Hij kan .
gerust antwoorden: Ik heb er geene zonde door gedaan;