Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
366
52 V. Waê behoort men te doen, zoodra men uit
den biechtstoel komt ?
A. Men moet God loven en bedanken, omdat Hij
ons genadiglyk de zonden vergeven heeft, en de goede
voornemens vernieuwen van nooit meer te zondigen.
De kerk uitgaan, zoodra men uit den biechtstoel komt, i»
zeker ongepast. Uit plicht van dankbaarheid moet men, zoodra
men uit den biechtstoel komt, eerst Ood loven en bedanken,
omdat Bij ons genadiglijk de zonden vergeven heeft. Te dien
einde bidde men het: Glorie zij den Vader, den Zoon en den
H. Geest, het „ Te Deum", „ Ü , o God, loven wijof ten
minste een hartelijk „Onze Vader" en „Wees gegroet." Daarna
volbrenge men zijne penitentie, indien de Biechtvader geen
anderen tijd bepaald heeft (36«»® V.) en vernieuwe men de goede
voornemens van nooit meer grootelijks te zondigen , nooit meer
eene doodzonde te bedrijven , en zich van zijne dagelijksche
zonden te beteren. Het zekerste teeken toch, dat de vroegere
biechten goed zijn geweest, is : niet meer in die zelfde zonden
te hervallen.
Vragen over de Les.
1. Wat beteekent biechten P
2. Waarom is de Biecht een Sacrament P
3. Welk is het voornaamste der drie deelen, en waarom P
4. Hoevelerlei berouw is er ? En uit hoeveel en welke
deelen bestaat elk berouw P Welk verschil is er tus*
schen volmaakt en onvolmaakt berouw P En waarin
komen beide overeen P
ö. Welke hoedanigheden moet de droefheid, welke het
voornemen hebben P
6. Toon uit een dier eigenschappen, dat wij uit ons zelven