Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
354
zonden, waaraan we schuldig zijn, te kennen; immers onze
eigenliefde, of een andere hartstocht is niet zelden oorzaak,
dat we onze zonden niet erkennen, niet inzien.
len , moeten wij de gratie vragen om een oprecht berouw
over onze zonden te hebben; want dit kunnen we niet uit ons
zeiven hebben. (15*16 V.)
Ten 3<is de gratie om minstens alle doodzonden goed, recht-
zinnig, met getal en omstandigheden te biechten (2'l''te^ 26ste
en 28»« V.), en geen enkele doodzonde vrijwillig uit schaamte
te verzwijgen.
Om den kinderen bevattelijk te maken, dat men ook daar-
toe de gratie van den H. Geest noodig heeft, kan het volgend
verhaal dienen, waaruit blijkt, hoezeer de duivel er op uit is
den Biechteling te verleiden om eene of andere doodzonde
uit schaamte te verzwijgen.
Een godvruchtig priester zag , terwijl hij op zekere plaats
missie gaf, en het volk in dichte massa bij den biechtstoel
zat, een menigte duivels onder hen rondloopen.
Hij smeekte God hem bekend te maken , wat die duivels
daar deden ; en na het hun zeiven gevraagd te hebben, kreeg
hij ten antwoord , dat zij restitutie deden, teruggaven wat
zij gestolen hadden, nl. de schaamte, die zij de menschen
vóór het bedrijven der zonden hadden ontnomen, door hun
in te blazen: 'tis zoo erg niet, enz.; maar nu teruggaven,
opdat zij zich schamen zouden ze te biechten, als zijnde zoo
afschuwelijk, enz.
Om de drie vermelde gratiën van den H. Geest af te
smeeken, kan men zich eenvoudig bedienen van het gebed,
dat de Catechismus in *t Avondgebed aangeeft: „ Kom, o
Heilige Geest, verlicht mijn verstand om mijne zonden te
kennen, en geef mg de genade van een oprecht berouw over
dezelve," en de genade van ze goed te biechten. Hoe passend
het is, eenige dagen te voren daarom te bidden , de noodige
gratie te vragen , blijkt voldoende. (Vgl. 43®« Lgg ^ 8»« V.)