Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
349
H. Commnnie, dan is het geraden, als men goedschiks,
zonder merkelijk bezwaar kan , tot den Biechtvader terug te
keeren , m. a. w., die vergetene doodzonde vóór de H. Com-
munie te belijden, en er de H. Absolutie over te ontvangen.
Maar, als men dat niet gevoeglijk kan , er geen geschikte
gelegenheid toe heeft, dan mag men toch gerust te Commu-
nie gaan; want men heeft, krachtens zijne goede Biecht, ook
vergiflenis gekregen van die doodzonde , welke men onschul-
dig vergeten had. Dan is 't voldoende, dat men die ver-
geten doodzonde in de eerstvolgende Biecht belijde, en er
rechtstreeks de ïï. Absolutie over ontvange.
33 V. Waarop moet men bijzonder acht geven,
als men alleen dagelijksche zonden te biechten heeft?
A. Dat men niet zonder een oprecht berouw en
voornemen het H. Sacrament der Biecht mag ont-
vangen, en daarom is het raadzaam alsdan over eene
reeds vergevene doodzonde zijn berouw te vernieuwen,
en die er bij te voegen.
Als men sinds zijne laatste goede Biecht alleen dagelijksche
zonden te biechten heeft, is het zeker zaak er bijzonder acht
op te geven, er op bedacht te zijn, er op te letten, dat men
het H. Sacrament der Biecht niet mag ontvangen zonder een oprecht
berouw over, en voornemen van ten minste ééne der dagelijksche
zonden, waarvan men zich beschuldigt, niet meer op die
wijze, als vroeger, te bedrijven. Want als men het H. Sa-
crament der Biecht zou ontvangen zonder waar berouw over
en zonder voornemen van ten minste ééne der dagelijksche
zonden, waarvan men zich beschuldigt, niet meer op die
wijze, als vroeger, te bedrijven, zou men zich aan eene
heiligschennis plichtig maken, en dus in staat van gratie den
biechtstoel ingaan, en in staat van doodzonde er uit komen.
Bn. daarom, d. w. z., om zeker dit gevaar te voorkomen, en
zeker waardig de H. Absolutie te ontvangen, i& het raadzaam.