Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
334
Uit het A. volgt, dat men een onvolmaakt berouw heeft,
als men over zijne zonden bedroefd is , omdat men door zijne
i/oofi?zonden het recht op den hemel verloren en de straffen
der hel verdiend heeft; omdat men door zijne dagelijksche
zonden tijdelijke strafién bij God verdiend heeft, hier of
hiernamaals te ondergaan.
De twee .door den Catechismus hier aangehaalde beweeg-
redenen van berouw en andere soortgelijke, b. v. de afschu-
welijkheid der zonden om de ondankbaarheid, het verzet,
den opstand tegen God, die er in liggen opgesloten; het
lijden, dat Jesus uit liefde tot ons er om heeft onderstaan,
enz., zijn blijkbaar ^ooewnatuurlijke beweegredenen; want zij
worden door het geloof gekend. (lO^e V.) Ontegenzeggelijk
zijn ze ook minder volmaakt dan de beweegreden, waaruit
het volmaakt berouw voortkomt, ja, in vergelijking met deze
beweegreden zijn ze bepaald onvolmaakt te heeten. Immers ,
als zoodanig, komen ze niet voort uit eene volmaakte liefde
tot God als het opperste goed in zich zeioen, maar uit eene
onvolmaakte liefde tot God, m. a. w., in zoover God onze
gelukzaligheid uitmaakt, de fontein onzer zaligheid is. Les
Q'ie en lOJe V.) Derhalve is het berouw, dat vooral, voor-
namelijk voortkomt uit eene andere bovennatuurlijke beweeg-
reden , dan de liefde tot God als het opperste goed in zich
zelven, ook uit zijn aard zelf onvolmaakt Uit het bijwoord
vooral, hetwelk in het antwoord op de V. voorkomt:
onvolmaakt is het berouw „ dat vooral voortkomt uit eene
andere bovennatuurlijke beweegreden", blijkt ten (zie ten
late en ten IS^^ V.), dat, wanneer ons berouw vooral,
voornamelijk voortkomt uit eene andere bovennatuurlijke
beweegreden dan de liefde tot God als het opperste goed in
zich zelcen, ons berouw onvolmaakt is en blijft; doch, wel
kan men door eene onvolmaakte beweegreden van berouw
tot de volmaakte opklimmen , komen. Wanneer eene onvol-
maakte beweegreden met de volmaakte samengaat, is het
berouw inderdaad volmaakt. Het volmaakt berouw toch sluit