Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
290
bedroefd over al mijne zonden, werp ik mij met een ver-
morzeld en verootmoedigd hart, dat Gij, o God, niet zult
versmaden, in de armen uwer grenzenlooze barmhartigheid,
en neem rouw- en betrouwvol mijne toevlucht tot uw godde-
lijk flart zeiven! Jesus, met verootmoedigd hart klop ik tot
driemaal toe op mijne borst, en herhaal met den hoofdman
des Evangelies : ,,Ueere ! ik ben niet tcaardig, dat Gij onder mijn
dak komV\ (Matth. VITl. 8),— doch met den Priester, den
bedienaar van uw H. Sacrament, voeg ik er vol vertrouwen
bij : „maar spreek slechts één woord en mijne ziel zal gezond
worden."
21 V. Met welke oefeningen zal men den tijd na
^If de H, Communie het beste doorbrengen ?
A. Ten 1. Met Jesus te loven en te danken; en
ten 2. met Hem gratie te verzoeken, in het bijzonder
die gratie, welke men het meeste noodig heeft.
Loven d. i. prijzen, verheerlijken, iemands voortreffelijkheid
doen uitkomen.
Na de H. Communie ontvangen te hebben is't geraden den
, Priester na te bidden : „ Het lichaam van onzen Heer J. C.
Jr beware mijne ziel ten eeuwigen leven. Amen." "Wijders, op
uwe plaats teruggekeerd niet terstond uw kerkboek in handen
te nemen, maar in eerbiedige houding neergeknield, met
woorden, die uw eigen hart u ingeeft, te goeder trouw,
ten l»'«, Jesus ie loven en te danken, b. v. door op hartelijke
wijze te zeggen: „U, o God! loven wij." Mijn Jesus, wees
welkom , ik dank U , dat Gij U gewaardigd hebt in mijn
hart te komen. God de Zoon, menschgeworden, rust in mijn
hart; wat eene onbegrijpelijke goedheid! Jesus, ik loof U,
ik aanbid U.... Mijne ziel verheft dén Heer, en mijn geest
verheugt zich over God, mijnen Zaligmaker! omdat Hij neder-
zag op de geringheid van zijn dienstknecht (of dienstmaagd).
Groote dingen heeft Hij aan mij gedaan , de machtige, en