Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
25
ben ik niet altijd volstrekt zeker van hetgeen ik zie , of be-
grgp; want mijn oogen en verstand kunnen abuis hebben.
Het geloof is eene deugd, omdat het ons genegen maakt
om goed te doen. Eene deugd toch is eene genegenheid der
ziel, door welke de mensch weldoet. (12« Les, 1« Vr.)
Wij beschouwen dus hier het geloof niet ala een voorbij-
gaande daad, of akte; b. v. een of andermaal iets gelooven,
of aannemen op het gezag van God; maar als een bijblijvende,
bovennatuurlijke hoedanigheid of eigenschap onzer ziel, door
God ingestort, waardoor wij gaarne, gemakkelijk aannemen
wat God openbaart, of daartoe genegen worden.
Tot welk goed maakt het geloof ons genegen ?
Om Gods waarachtigheid te vereeren.
Hoe vereeren toij door het geloof Gods waarachtigheid ?
Omdat wij dan die waarachtigheid stellen boven onze
oogen, en ons verstand. Wij begrijpen het niet en meenen
soms het tegenovergestelde te zien , en toch nemen wij niet
aan , gelooven wij niet hetgeen wij zien , maar hetgeen God
zegt. Bv. in het H. Sacrament des Altaars, zien mijne oogen
niets dan brood , mijn verstand ziet daar ook niets anders ;
ik kan niet begrijpen , dat daar iets anders is dan brood, eu
toch verwerp ik wat ik zie, en ik neem aan wat God mij
zegt: namelijk, dat het geen brood, maar het Lichaam en
Bloed van Christus is.
Ik stel dus Gods waarachtigheid boven hetgeen ik zie, en
boven mijn verstand of begrip.
2 V. Waarom wordt het Geloof genoemd eene
gave Gods ?
A. Omdat het ons van God gegeven wordt zon-
der onze verdiensten, en wij het uit ons zeiven niet
kunnen hebben.
Het geloof is eene gave Gods, omdat wij het onverdiend