Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
9
.i 258
Eindelijk zult ge vragen : Wat door ieder dier zeven gaven
in 7 bijzonder verstaan wordt? Wat de gave der wijsheid is, of
in ons uitwerkt? enz.
vf 1. De gave van wijsheid helpt ons om de hemelsche goe»
V deren boven de aardsuhe te achten en te betrachten.
; 2. De gave van verstand helpt ons om de waarheden des
geloofs dieper te begrijpen , er inniger van doordrongen te
zijn , en er naar te handelen , te leven,
jjl 3. De gave van raad helpt ons om in twijfelachtige voor-
vallen des levens datgene te kiezen wat het meest strekt tot
glorie van God en de zaligheid onzer ziel.
4. De gave van sterkte helpt ons om de moeilijkheden ,
die zich op den weg der zaligheid en volmaaktheid voor-
doen, edelmoedig te overwinnen.
^ 5. De gave der wetenschap helpt ons om gestadiglijk het
goede van het kwade te onderscheiden, het goede te betrach-
ten , het kwaad te verachten , en de aardsche dingen te ge-
1 bruiken tot Gods eer en de zaligheid onzer ziel.
6. De gave van godsvrucht doet ons God met vaardigheid
dienen, en al aijne geboden uit liefde onderhouden.
7. De gave van de vreeze des Heeren vervult ons met eene
kinderlijke vreeze van God door eenige dood- of opzettelijk
-li bedreven dagelijksche zonde te vergrammen , ja zelfs , om
dien oneindig goeden Vader door eene vrijwillige onvolmaakt-
heid te mishagen.
6 V. Waarom geeft men ons in het Doopsel en
Vormsel namen van Heiligen ?
A. Opdat wij de deugden dier Heiligen zouden
navolgen en door hen beschermd en geholpen worden.
Men geeft ons dus in het Doopsel en Vormsel uit tweeërlei
inzicht, met tweeërlei doel, namen van Heiligen. Ten l^te ^
opdat wij ten minste de voornaamste deugden dier Heiligen,