Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
244
door overhaasting of onoplettendheid ook dikwijls enkel: In
den naam des Vaders, Zoons, Heiligen Geestes, Amen. Heb ik
het Doopsel zóó zeker goed toegediend? Moet ik hel opnieuw doen ?
Ten als ik de woorden overigens goed had uitgesproken
en tegelijkertijd iemand op het hoofd met zeker waarachtig en
natuurlijk water had afgewasschen, maar bij vergissing, gelijk
bij het kruismaken, er het woordje Avien hadde bijgevoegd:
Zou ik het Doopsel dan niet mogen herhalen? Waarom niet?
Ten 8ste, iemand geeft een kind, dat in gevaar van sterven
is, om het te doopen, met wijwater een kruisje op voorhoofd,
borst, linker en rechter schouder, zeggende : In den naam des
Vaders, en des Zoons, en des H. Geestes, maar zegt er niet bij :
Ik doop u. — Is dat kind geldig gedoopt ? Waarom niet T Deed
het voor de geldigheid er iets aan af, dat het water gewijd was?
Is gewijd water daartoe noodig ?
Ten , iemand komt op de Pastorie zeggen : Mr. Pastoor,
ik heb in tijd van uitersten nood een kind moeten doopen ,
maar kon in der haast geen water krijgen ; daarom heb ik
eerst mijne vingers met speeksel, en een beetje melk, dat op
tafel stond , vochtig gemaakt, en daarmee het hoofd van 't
kind afgewasschen. Dat ik tegelijkertijd de woorden goed
heb uitgesproken, weet ik zeker. Voor alle zekerheid heb ik
het kind nog eens gedoopt met een half kopje slap theewater,
dat ook op tafel stond, maar dat ik eerst niet gezien had ,
en daarna stierf het dadelijk. Mr. Pastoor, wat zegt u er
van? Was het eerste doopsel geldig, of zeker ongeldig ? Waarom?
Hadde ik dat te voren geweten en opgemerkt, zou ik het dan met
speeksel of melk niet hebben mogen probeeren ? Is er nog kans
dat het kind toch nog in den Hemel is? Waarom? enz. , enz.
13 V. Wat verkrijgt men door het Doopsel?
A. Vergiffenis van de erfzonde, en van alle voor-
gaande zonden, en ook van de straffen , die men
door de zonden verdiend heeft.