Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
238
9 V, Wie is de bedienaar van het Sacrament des
Doopsels ?
A. De gewone bedienaar ia de Priester, maar in
tijd van nood mag en moet een ieder doopen.
De CatechisniTis verstaat door den gewonen bedienaar van
het Sacrament des Doopsels hem, wiens ambt het is, in ge-
wone omstandigheden, d. i., buiten tijd van nood , en op
gewone wijze, d. i., met de ceremoniën door de H. Kerk
voorgeschreven , het Doopsel toe te dienen.
En wie is nu die gewone bedienaar ?
De Catechismus antwoordt: de Priester, nl., volgens de
wetten der H. Kerk , de ^.astoor der parochie , of een zijner
medehelpers, plaatsvervangers, kapelaans.
Wie is dus, volgens den Catechismus, de buitengewone bedienaar
van het Sacrament des Doopsels F
't Blijkt duidelijk uit het tweede lid of gedeelte van het
antwoord , dat de Catechismus geeft, zeggende : „ maar in
tijd van nood mag en moet een ieder doopen."
In tijd van nood, d. w. z., als er gevaar bestaat, als men
met reden vreest, dat iemand, vooral een kind, zonder het
Doopsel des waters zou sterven , indien men moest wachten
totdat een Priester het Doopsel zou kunnen toedienen. In
zulk een nood mag en moet een ieder doopen, d. w. z., ieder
mensch , man of vrouw , braaf of slecht, Koomsch of niet
Eoomsch, ketter of ongeloovige.
Dat in tijd van nood een ieder mag doopen, is een nieuw
bewijs van Gods goedheid en wijsheid. Hij heeft dit gewild,
om het ontvangen van het noodzakelijkste Sacrament zoo
gemakkelijk mogelijk te maken.
Omdat in tijd van nood een ieder moet doopen , — zooals
blijkt uit het gebod der liefde, dat ieder oplegt te zorgen
voor de zaligheid van anderen, — moet ook een ieder, die