Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
227
16 V. Waarom worden het Doopsel en de Biecht
genoemd Sacramenten der dooden ?
A. Omdat zij vooral zijn ingesteld , om aan hen ,
die geestelijk dood of in doodzonde zijn , de heilig-
makende gratie mede te deelen.
Het H. Doopsel en de H. Biecht zijn moral ingesteld voor
die in staat van doodzonde zijn.
Vooral staat ér bij, omdat zij wel bijzonder voor dezulken
zijn ingesteld, doch niet alléén voor hen, maar ook voor
degenen, die reeds in staat van gratie zijn. Men kan namelijk
ook te biechten gaan, als men in staat van gratie is, en dan
krijgt men de vermeerdering der heiligmakende gratie, omdat
men dan de eerste heiligmakende gratie reeds heeft.
17 V. In welken staat mag men dus deze Sacra-
menten ontvangen ?
A. Men mag die ontvangen in staat van dood-
zonde.
Er staat: men mag de Sacramenten der dooden in staat
van doodzonde ontvangen , maar niet, dat men ze in staat
van doodzonde ontvangen moet; men mag ze ook gerust in
staat Tan gratie ontvangen.
18 V. Waarom worden de andere vijf genoemd
Sacramenten der levenden ?
A. Omdat zij zijn ingesteld om in hen , die het
geestelijk leven der ziel of de heiligmakende gratie
bezitten , deze gratie te vermeerderen.
19 V. In welken staat moet men dus deze Sacra-
menten ontvangen ?
A. Men moet die ontvangen in staat van gratie.