Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
224
De heiligmakende genade of de vermeerdering der heilig-
makende gratie krijgen wij aanstonds, als wij een Sacrament
waardig ontvangen; maar de dadelijke gratiën, welke aan
elk Sacrament in 't hijzonder eigen zijn, dan eerst, als wij ze
noodig hebben om deze of gene goede daad, dit of dat goed
werk te verrichten, deze of die bekoring te overwinnen, deze
of gene moeilijkheden te boven te komen, waartoe Christus
elk Sacrament in *t bijzonder heeft ingesteld, of, gelijk de
Catechismus zegt, om het einde van elk Sacrament te bereiken.
Men ziet hieruit, waarom de dadelijke gratiën, welke de
Sacramenten geven, dadelijke gratiën worden genoemd; tevens
waarom ze ook wel werkende, en voorbijgaande gratiën ge-
noemd worden. Immers zij worden ons ter gelegener tijd
door God gegeven om deze of gene goede daad, dit of dat
goed werk te verrichten, waartoe het Sacrament, dat we ont-
vangen hebben, door Christus is ingesteld. Als dus de
Catechismus legt, dat wij b.v. door de H. Communie of het
H Sacrament des Altaars bijzondere kracht en gratie krijgen
om de deugd te beoefenen en de zonde te vluchten (33^ Les,
16 V.), dan is dit zoo te verstaan, dat onze ziel door de
H. Communie versterkt wordt om deze en gene bepaalde
deugd met meer vaardigheid en ijver te beoefenen , dit of
dat gevaar van zonde naarstiger te vermijden, deze of gene
bekoring krachtdadiger te overwinnen , enz. en wel op het
oogenblik, dat de gelegenheid zich daarvoor aanbiedt, of het
gevaar aanwezig is. Wijl nu elke daad uiteraard voorbij-
gaande is, worden de dadelijke gratiën, welke de Sacramenten
geven , ook zeer juist voorbijgaande gratiën genoemd. Dus
ook in dit opzicht verschillen de bijzondere dadelijke gratiën
van de heiligmakende gratie; want deze blijft in ons, zoolang
wij ze niet door eene doodzonde verliezen, zoolang we zuiver
zijn van doodaonde.
10 V. Waaruit hebben de Sacramenten de kracht
om ons gratiën mede te deelen ?