Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
195
Hoe laag en verachtelijk stellen zich aan, die van vechten,
baldadigheden , anderen te hinderen , in hun eigendom, hun
huizen, enz. te benadeelen, als het ware hun beroep maken,
en wel bij name op Zon-en Feestdagen. Zulke wezens schuwt
elk fatsoenlijk mensch.
3 V. Zondigen wij tegen het vijfde gehod slechts
dan , als wij met de daad iemand hinderen ?
A. Neen; maar ook als wij iemand vervloeken,
hem kwaad wenschen, en gramschap, haat of nijd
in het hart toedragen.
De Cateciiismus antwoordt: Neen ; d. w. z. , dat wij tegen
het vijfde gebod niet slechts dan zondigen, als wij met de
daad iemand zonder wettige macht en reden dooden, kwetsen
of merkelijk hinderen, maar ook ten h^e als wij iemand anders,
andere menschen met woorden vervloeken, d. i., onder aan-
roeping van God of den duivel de eeuwige verdoemenis of
ander groot kwaad toewenschen. Zeker kunnen we ook tegen
het vijfde gebod zondigen door enkel inwendig, alleen met den
wil, van harte gemeend, een ander, of oo^ ons zeioen te ver-
vloeken. Maar deze woorden van den Catechismus slaan
voornamelijk, zoo niet uilsluitend op zonden, die we tegen
het vijfde gebod uiterlijk door woorden tegen andere menschen
kunnen bedrijven.
Ten 2''% ook als wij hem, onzen evenmensch, kwaad wenschen,
zonder daarbij God of den duivel aan te roepen , dat onze
wensch vervuld worde. Daarin vooral bestaat het verschil
tusschen iemand verdoeken, en hem kwaad wenschen. Iemand
vervloeken is dus uit zijn aard nog erger dan hem louter
kwaad wenschen.
Ten geeft de Catechismus de voornaamste zonden aan ,
die enkel met den wil tegen dit gebod kunnen bedreven
worden, als hij zegt: en hem, onzen evenmensch, gramschap,
haat of nijd in het hart toedragen.