Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
184
gevaarlijk ziek zijn, en niemand bniten mij dien persoon kun-
nen of willen oppassen, dan zou ik bij hem mogen blijven.
Zoo ook is iemand ontslagen , die zelf zwaar ziek is.
De ondervinding leert, dat menschen, die het S'ïe gebod
niet meer onderhouden, volslagen ongodsdienstig zijn; terwijl
het verwaarloozen van preek en catechismus, om het gevolg
der onwetendheid , daartoe van zelf leidt.
8 V. Wanneer zondigt men tegen de verplichting
van Mis te hooren ?
A. Ten l. Als men zonder wettige reden de H.
Mis geheel of gedeeltelijk verzuimt; ten 2. als men
de H. Mis niet bijwoont, gelyk het behoort.
Als men des Zondags de geheele Mis of een merkelijk deel
zonder reden verzuimt, of merkelijk oneerbiedig bijwoont,
doet men doodzonde; een klein gedeelte, dagelijksche zoude-
Het kan om twee redenen een merkelijk deel zijn :
Ten 1'te om de langdurigheid. Als men een langen tijd
oneerbiedig is, of veel te laat komt, b. v. na de offerande.
Ten 2'i« kan het een merkelijk deel zgn, om de waardig-
heid van het deel, dat men verzuimt of waaronder men
oneerbiedig is; b. v. men zou niet bij de Consecratie zijn
ofschoon deze maar een paar minuten duurt, of wat hetzelfde
is, daaronder vrijwillig uiterlijk oneerbiedig zijn, b. v. praten
of slapen. In deze gevallen maakt men zich aan groote
zonde schuldig, tenzij men er op rekende nog eene andere
Mis te hooren. Doet men dit, dan is men nog wel schuldig
aan oneerbiedigheid, maar men is niet te kort gekomen aan
de verplichting van Mis hooren.
Welke middelen kent gij, om in de kerk eerbiedig te zijn ?
Ten l^te, zoodra men er inkomt, denken: ik ben hier in
Gods huis.
Ten met eerbied wijwater nemen.