Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
14
kenbaar gemaakt door zijne 10 geboden , de 5 geboden der
H. Kerk, en de plichten eigen aan ieders staat.
De voornaamste plichten van een kind liggen opgesloten
in de deugden van leerzaamheid ^ godsdienstigheid en gehoor'
zaamheid; terwijl het met de jaren moet toenemen in deugd>
wijsheid en behagelijkheid bij God en menschen; zooals
Christus in zijn verborgen leven ons geleerd heeft. Van Hem
toch lezen wij, dat Hij onderdanig was, naar den tempel
ging, de leeraren aanhoorde en ondervroeg; en toenam in
wijsheid en jaren , en in genade bij God en menschen. Dit
toenemen beteekent hier, dat Hij volgens zijne jaren, zijne
wijsheid, enz. meer toonde. (Vgl. Les 9.)
lioem een gemakkelijk middel om door al onze werken God te
dienen!* 's Morgens de goede meening maken om alles tot eer
van God te doen. Het gebed van het Apostolaat is daarvoor
zeer geschikt. (Zie Les 43.)
Ten is de mensch geschapen , om Hem, God, hierna,
d. i. na dit leven, na onzen dood, eeuwig te aanschouwen,
d. w. z. eeuwig , volmaakt gelukkig te zijn. Dienstboden
dienen hunne meesters om op het einde des jaars hun loon,
hunne huur te ontvangen. Welke belooning zal God geven
aan degenen , die Hem trouw dienen , Zijne geboden onder-
houden ? Het opperste geluk, de eeuwige gelukzaligheid,
bestaande in God, ons opperste Goed, te aanschouwen, t©
bezitten en te genieten. Hoe lang P Eeuwig, zonder eind.
Ons leven hier op aarde duurt zoo kort. Dienen we dus
God getrouw om ons laatste einde te bereiken , om God na
dit leven, namaals eeuwig te aanschouwen. De verwezen-
lijking van dit tweevoudig doel vragen wij in de twee eerste
vragen van het gebed des Heeren : „Geheiligd zij Uw naam"
— „Ons toekome Uw Kijk." Les, V. 6 en 7.)
10 V. Wat uordt er van den mensch vereischt y
om tot dat einde^ d. i. het einde, waarvoor de mensch
geschapen is , te komen ? of, te geraken ?