Boekgegevens
Titel: Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Auteur: R.K. priester van het Bisdom van 's-Bosch, Een
Uitgave: Tilburg: Stoomdrukkerij van het R.K. Jongens-Weeshuis, 1897
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1317
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206597
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: overige
Trefwoord: Geloofsleer, Catechismussen
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Woord- en zinverklaring van den catechismus: vooral ten dienste van religieusen en katholieke onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
109
Onderling, dat is, onder elkander.
Dat samendoen in geestelijke goederen is van veel meer
waarde, dan bet samendoen, in compagnie doen, in tijdelijke
goederen, omdat de eerste veel meer waarde hebben.
Zij zijn er zoo ver boven verheven als de ziel boven het
lichaam, do hemel boven de aarde, de eeuwigheid boven
den tijd. Ja, ééne genade is meer waard dan alle schatten
der wereld.
Dat samendoen in geestelijke goederen bestaat tusschen de
lidmaten der fl. Kerk onderling, onder elkander, en met
Christus hun Opperhoofd. Zij bestaat tusschen alle lidmaten
van de lijdende, strijdende en zegepralende Kerk.
2 V. Welke gemeenschap hebben bijzonder de lede-
maten der H, Kerk op aarde met elkander?
A. Dat zij deelachtig worden aan alle Sacrificiën,
openbare gebeden en goede werken, die in de 11. Kerk
geschieden.
De lidmaten der H. Kerk op aarde, doen met elkander
samen, krijgen hun deel, ten in de H. Missen of Sacri-
ticiën, die er opgedragen worden.
Ten 2''« in de openbare gebeden, zooals Lof, Vespers en
andere gebeden die op naam der H. Kerk geschieden b. v.
getijden van priesters , kloosterlingen , enz.
Ten in al de goede werken, die er in de H. Kerk over
de gansche wereld geschieden.
Wij krijgen dus allen ons deel in al de H. Missen, die er
over geheel de wereld gedaan worden, of wij er bij tegen-
woordig zijn of niet; maar natuurlijk meer als wij er bij
tegenwoordig zijn, en des te meer als wij er met groote
godsvrucht tegenwoordig zijn.
Zoo ook krijgen wij ons deel aan de gebeden en goede
werken, en dat deel wordt afgemeten naar de grootte van