Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
XII. DE DRIE VERZOEKINGEN.
47
Lukas; «opengaan» beteekent letterlijk
«scheuren of splijten.»
4. De Heilige Geest daalde neder, niet
alleen op de wijze van een duif, maar in
de lichamelijke gedaante van een duif
(Lukas). Het is waarschijnlijk, dat alleen I
Jezus en Johannes den Geest zagen neder- j
dalen en de Goddelijke stem hoorden. !
Sommigen meenen, dat de v(Woestijn», j
welke als het tooneel van de verzoeking i
wordt genoemd, de woestijn van den Sinaï !
was, waar Mozes en Elia vastten; maar :
het IS veel waarschijnlijker, dat het dezelfde
was, waar Johaimes de Dooper predikte
(Les X, Aant. 2). Eene oude overlevering
noemt als de «zeer hooge berg» een steile
rots, boven Jericho gelegen, die Quaran-
tania genoemd wordt, naar de veertig
dagen.
6. a^Bij de wilde gedierten». De tweede
Adam wordt hier voorgesteld in 't bezit
van de heerschappij, die aan den eersten
Adam gegeven, maar gedeeltelijk verloren
was door den val. Zie de apostolische
uitlegging van Ps. VIII in Hebr. II.
7. «Wanneer men bij dit vasten Jezus'
goddelijke macht in rekening brengt, of
vooronderstelt, dat het vasten voor Hem
iets anders, was, dan het is voor den
mensch, ontneemt men aan deze gebeur-
tenis hare geheele beteekenis. Gedurende
die veertig dagen gevoelde Hij de dage-
lijksche behoeften van het dierlijke leven
niet: een stroom van blijdschap des geestes
vervulde Hem; de doop, die Hij pas ont-
vangen had, gaf Hem kracht, en het
welbehagen Zijns Vaders deed een heilige
vreugde in Zijne ziel ontstaan, Hij was
boven alle aardsche behoeften verheven».
En daar geen mensch op natuurlijke
wijze zoo lang zonder voedsel kan bestaan,
was het onderhoud van zijn lichamelijk
leven gedurende dien tijd ontegenzeggelijk
een wonder.
De uitdrukking «hongerde Hem ten
laatste» bewijst, dat de geest zoodanig
over het lichaam zegevierde, dat Jezus
eerst na veertig dagen honger gevoelde.
In Joh. IV : 6—8, 31—34 hebben wij
een soortgelijk geval in het leven des Hee-
ren, ofschoon dit van minder omvang is.
In mindere mate hebben sommige men-
schen dezelfde ondervinding gehad, wan-
neer zij onder den invloed waren van
groote vreugde of diepe droefheid: dit
was ook het geval met Saulus van Tarsus,
Hand. IX : 9.
8. Markus en Lukas zeggen, dat de
Satan Christus ook gedurende de veertig
dagen verzocht; misschien door middel
van inwendige inblazingen, want «de Ver-
zoeking» begon naderhand.
Les XII. — De Drie Verzoekingen.
«Die in alle dingen, gelijk als wij, is verzocht geweest, doch zonder zonde.»
Te lezen — Matth. IV : 1—11.
Te leeren — Hebr. IV : 16; Jak. IV : 7; Ps. XVII: 4, 5 (Gebed des Heeren : 8, 9).
Voor den Onderwijzer.
Het doel van den schrijver is, om in de volgende Schets zoo duidelijk
mogelijk de bijzondere kracht van iedere verzoeking op zich zelve aan te
toonen, en vooral te letten op de wijze, waarop de Heer elke afzonderlijk
weerstond. Veel moet hier in een klein bestek worden saamgevat, en het is
noodig, dat de onderwijzer dit onderwerp goed bestudeere, zal hij aan zijne
leerlingen zóó den strijd kunnen verhalen, dat hij zelf de beteekenis er van
toont te begrijpen.
Dr uitlegging, die in de Schets gegeven wordt, van de moeilijke woorden:
«De mensch zal bij brood alleen niet leven» is oppervlakkig; ze in hunne
volle beteekenis aan kinderen duidelijk te maken, is zeer moeilijk.