Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
CI. PAULUS EN FELIX, ENZ.
487
stadhouder», geeft waarschijnlijk den offi-
ciëelen titel, daar hetzelfde woord «mach-
tigste» door Tertullus op Felix (XXIV : 3),
en door Paulus op Festus (XXVI : 25) wordt
toegepast.
Oe verklaring van Lysias in vers 27
«bericht zijnde, dat hij een Romein is»,
is zeker eene behendige leugen, om niet
beschuldigd te kunnen worden, dat hij
bijna een Romeinsch burger gegeeseld had.
Baumgarten merkt op: «Wij behoeven
ons niet te verwonderen, dat Lukas het
der moeite waard achtte dit stuk op de
eene of andere wijze machtig te worden.
Zelfs de schrijvers van het O. Testament
zijn er zeer op gesteld, om de bevelen en
regelingen der ryken, die Israël gunstig
gezind waren, in authentieken vorm mede
te deelen (zie Dan. IV; Esth. VIII: 10—13;
Ezra I : 2—4; VI : i—42, VII: li—26).
Al deze wetsbesluiten zijn daarom zoo
merkwaardig, omdat zij een bewijs zijn
van de geheime macht, die God over de
oversten dezer wereld uitoefent.
3. Zie over Cesarea Les XCI, Aant. 1.
4. Gedurende de twee jaren van Paulus'
verblijf te Cesarea was hij in zoogenaamde
«militaire hechtenis», onderscheiden van
de «publieke hechtenis», welke de opslui-
ting in den algemeenen kerker (zooals te
Philippi) was, en van «vrije hechtenis», een
zachter vorm van gevangenschap, die alleen
aan aanzienlijke personen werd toege-
staan. Bij de «militaire hechtenis» werd
de gevangene altijd met de rechterhand
aan de hnkerhand van een soldaat geke-
tend ; deze soldaat was verantwoordelijk
voor de veiligheid van den hem toebe-
trouwden persoon, en hij werd met den
dood gestraft, indien deze ontkwam. Som-
tijds stond men een gevangene toe, onder
zulk eene bewaking in een particulier huis
te wonen, zooals Paulus dit te Rome deed
(XXVIII : 16, 20, 30). Het blijkt uit
XXIV : 23, dat Felix aan Paulus zooveel
vrijheden toestond, als de regels van de
«militaire hechtenis» veroorloofden, en
vooral het belangrijke voorrecht van door
zijne vrienden bezocht te mogen worden;
maar dat de Apostel niet vrij bleef van
de keten, blijkt uit XXIV : 27, XXV: 17,
XXVI : 29.
5. Zie over Felix, de rede van Tertullus,
Paulus' verdediging, enz. de Aanteekenin-
gen van de volgende Les.
6. Het recht, om zich op den Keizer te
beroepen, was een der grootste voorrechten
van een Romeinsch «burger», daar het
hem beschermde voor de willekeurige uit-
spraken van plaatselijke stadhouders. Er
werd geen geschreven verzoekschrift of
andere wettelijke vorm vereischt; alleen
het uitspreken van het woord «Appello»
maakte dadelijk een einde aan alle ver-
dere handelingen.
Les CL — Paulus en FeHx. — Een goedkeurend en een
veroordeelend geweten.
nlndien ons hart ons niet veroordeelt, zoo hebben wij vrijmoedigheid tot God».
Te lezen — Hand. XXIV.
Te leeren - 1 Joh. Hl : 20, 21; Ps. CXXXIX: 23, 24. (Ps. 119:1, 2, 3; Ps. 1:4).
Voor den Onderwijzer.
Het is de gewoonte, bij het onderwijzen van dit hoofdstuk, de geschiedenis
van Felix als een voorbeeld te nemen voor het uitstellen der bekeering. Om
dit echter te doen, is het noodig den zin der uitdrukking a gelegene tijd k
geweld aan te doen; want, zooals Felix de woorden gebruikt, is het onjuist
om te zeggen (zooals gewoonlijk gedaan wordt), dat de «gelegene tijd» nooit
is gekomen (zie vers 26), Daarenboven is er geen verband tusschen zulk eene
toepassing en het verhaal, in zijn geheel genomen; het hoofdstuk moet bijna