Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
426
LXXXIX. DE BEKEERING VAN PAULUS. 426
paard reed, zooals gewoonlijk wordt voor-
gesteld.
6. « Van dien weg» (vers 2) — d. w.
z. van dien godsdienst. Deze uitdrukking
was gebruikelijk in de eerste Gemeente,
zie Hand. XVIII : 25; XIX : 9.23; XXII:
4; XXIV : 14. Verg. Ps. LXVH : 3 —
«Opdat men op aarde Utven weg kenne».
Het Christelijk geloof was ook bekend als
«de waarheid» (2 Joh. 1:1) en «het
leven» (Hand. V : 20; Joh. I : 2).
7. Men zal eenig verschil opmerken
in de drie verhalen van Saulus'bekeering
(in IX, XXII, XXVI). Maar zij kunnen
gemakkelijk overeengebracht worden.
Hoofdst. IX zegt, dat de metgezellen van
Saulus « verbaasd stonden » ; hoofdst. XXVI,
dat zij met hem ter aarde vielen. Waar-
schijnlijk vielen zij, maar stonden dade-
lijk weder op. Hoofdst. IX zegt, dat zij de
stem van Christus wel hoorden, maar
«niemand zagen»; hoofdst. XXII, dat zij
«het licht zagen,» maar «de stem niet
hoorden». Ongetwijfeld zagen zij het
licht zonder den Heer Zelf te zien, en
hoorden den klank Zijner stem, zonder
te weten, dat het eene stem was, of de
woorden te onderscheiden (verg. Joh.
XII : 28, 29). In hoofdst. XXVI wordt de
apostolische zending van Christus aan
Saulus vermeld, alsof zij gegeven werd
terwijl hij nog op den grond lag; maar
waarschijnlijk noemt Paulus reeds, in de
samengedrongen kortheid van zijne toe-
spraak, van te voren hetgeen naderhand
in den Tempel te Jeruzalem voorviel
(XXH : 17—21).
8. Het is opmerkelijk, dat Paulus met
nadruk verhaalt (XXVI : 14), dat Chris-
tus in het Hebreeuwsch tot hem sprak.
Dit is ook af te leiden uit hoofdst. IX,
waar de woorden van den Heer «Saul,
Saul» in den Hebreeuwschen en niet in
den Griek sehen vorrn zijn (Saoul, niet
Sauïes). Tevens merke men op, hoe de
Heer gewoon was den naam van diegenen,
wier bijzondere aandacht Hij tot zich
wilde trekken, tweemaal te noemen: «Si-
mon, Simon», «Martha, Martha», «.Jeru-
zalem, Jeruzalem». Zoo ook in het Oude
Testament: «Abraham, Abraham», «Samu-
el, Samuel».
9. « Het is u hard de verzenen tegen
de prikkels te slaan», nl. de scherpe
prikkels, welke de ossendrijvers gebruik-
ten. Dit was een bekend Grieksch spreek-
woord en drukte de machtelooze woede
uit, welke zichzelve in plaats van anderen
kwaad doet; het wordt gevonden bij
Aeschylus, Euripides en Pindarus. Dat de
Heer het bezigde, bewijst weder de ge-
nadige bereidwilligheid, waarmede Hij ge-
bruik maakte van de eenvoudigste en
meest gewone spreekwijzen en figuurlijke
uitdrukkingen; eene bereidwilligheid, waar-
van wij zoo dikwijls de blijken zien in
Zijne aardsche bediening. De woorden ge-
ven duidelijk aan, dat Saulus'geweten niet
gerust was geweest.
10. Paulus noemt de verschijning van
Christus aan hem een «gezicht» (XXVU
19), echter is het Grieksche woord
daarvoor niet hetzelfde, dat gewoonlijk
gebruikt wordt, maar een, dat op andere
plaatsen voor wezenlijke verschijningen
wordt gebezigd. Voor het «gezicht», in
hetwelk de Heer tot Ananias sprak, en
van het gezicht, waarin Saulus Ananias
tot zich zag komen (IX : 10, 12), wordt
het gewone woord gebruikt. Saulus zag
werkelijk met zijne lichamelijke oogen
den Heer Jezus in Zijne menschelijke na-
tuur; en het feit, dat hij Hem aldus ge-
zien had, wordt door hem in zijn Istea
brief aan de Corinthiërs als een getui-
genis aangevoerd voor zijn eigen apostel-
schap (IX : 1) en als een bewijs voor
Christus' opstanding.
11. De bekeering van Saulus wordt
terecht aangemerkt als eene der krach-
tigste getuigenissen voor het Christendom.
Lord George Lyttelton, een ongeloovige,
is, na zorgviddige bestudeering dezer ge-
tuigenissen, tot het Christendom bekeerd,
en heeft zijne overdenkingen in een be-
langwekkend boek, «Opmerkingen over
de bekeering en het apostelschap van
Paulus», bekend gemaakt.