Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
349 LXXIV. VOOR DEN RAAD.

had Zichzelf een mensch gemaakt! VhxX.
II : 6, 7. Zij zullen him Goddelijken Koning
dooden!
n. Na het verhoor.
1. In de zaal. Gedurende al dezen tijd
was Jezus op schandelijke wijze behandeld,
«gebonden» (Joh. XVIII : 24)en «gehou-
den» (Luk. XXII : 63) als een gevaarlijke
misdadiger. Maar nu —! Hij wordt bespo-
gen, geslagen, op wreede wijze beleedigd
(zie in het bijzonder Lukas). zouden
den ergsten boosdoener niet zoo behan-
delen; zij zijn schepselen, die hunnen
Schepper beleedigen — zondaren, die hun
Zaligmaker bespotten! Zie Jes. L : 6; Ps.
XXH : 6, 7.
2. In de raadskamer. (Zie Luk. XXH:
66—71). Nog eene talrijker opkomst van
het Sanhedrin bij het aanbreken van den
dag {Zie Aant. 1) — Jezus wordt weder
ondervraagd, opdat de nieuw aangekomenen
het hooren — nog eens erkent Hij openlijk
wie Hij is — het eerste oordeel wordt door
allen bekrachtigd. Dan volgt eene ernstige
beraadslaging (Mark. XV : 1) — waar-
over? Matth. XXVII : 1 — Wvymoet ster-
ven — maar hoe? zij kunnen het niet
doen {zie volgende Les, Aant. 4) — alleen
de Romeinsche stadhouder heeft de macht
— en hoe te maken, dat hij die gebruikt?
Zij hebben Jezus wegens godslastering ver-
oordeeld, maar Pilatus zal niet naar zulk
eene aanklacht luisteren. Den volgenden
Zondag zullen wij hun plan zien.
3. In den Tempel.
Sommigen der overpriesters zijn nu ver-
plicht om hunne heilige plichten te gaan
vervullen, toebereidselen te maken voor
de morgenoffers op Gods altaar. Welk een
verschil tusschen hun gemoedstoestand en
dien van David, Ps. XXVI : 6. Maar wie
vertoont zich daar eensklaps in de heilige
plaats? Matth. XXVH : 3. Judas ziet nu
alles — door zijn laag verraad is dat on-
j rechtvaardig oordeel over zijn Meester uit-
f gesproken. Zullen deze priesters hunnen
bloedprijs terugnemen en den onschuldige
vrijlaten? Hoor hunne tergende woorden,
vers 4. Maar het geld — hij kan het niet
behouden, hij kan het niet zien (Spr. X : 2)
— zie, hoe hij het hun voor de voeten
werpt, en weggaat, waarheen? Naar Jezus,
met tranen van berouw? Ach, de Satan zal
zijn slachtoffer niet aldus laten ontko-
men. Wanhoop — zelfmoord. Een week
geleden een van de meest bevoorrechte
twaalf menschen op aarde; nu —I
Zie nu twee wonderbare tafereelen: —
1. Zie terug — op Jezus, staande
voor Zijne rechters. Waarom onderwierp
zich de Zoon Gods aan dit alles? 1 Petr,
H : 21 — « Hij heeft voor ons geleden ».
Twee oogmerken: Om voor ons (a) « een
slachtoffer voor de zonde» — (b) «een
voorbeeld van godzalig leven» te zijn;
(а) om ons lichaam en onze ziel van de
eeuwige verdoemenis te verlossen (Heid.
Gat. vr. 37) en (6) een voorbeeld nalatende,
opdat ieder Zijne voetstappen zou navolgen
(1 Petr. I : 21). Hoe kan iemand (a) op
zoo groote zaligheid geen acht geven —
(б) trotsch of zelfzuchtig zijn, ziende op
zulk een voorbeeld?
2. Zie vooruit — op Jezus, zittende
op Zijn rechterstoel. Zie Openb. 1:7 —
« aller oog zal Hem zien, ook dergenen, die
Hem doorstoken hebben ». — Zijne wreede
vervolgers, diezelfde priesters en Schrift-
geleerden, zullen zij de bergen aanroepen,
om «op hen te vallen» (Openb. VI : 16)
«en hen voor den toorn des Lams te
verbergen»? Wel mogen zij dit doen.
Maar wij, die de geschiedenis van Chris-
tus^ liefde zoo goed kennen, die haar
weder vandaag gehoord hebben — « hoe-
veel te zwaarder straf, meent gij, zullen
wij waardig geacht worden » (Hebr. X : 29),