Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
323 LXIX. HET LAATSTE AVONDMAAL. — I.

wij het nederige «Ben ik het?» weder?
vers 33 — Petrus* ware karakter komt
voor den dag, — «hoe, vraagt hij zelf-
vertrouwend en overmoedig, zal ik den
Heer verlaten? dat zullen anderen mis-
schien doen, maar ik niet»! (Matth.) —
eerder «gevangenschap en dood». Petrus
sterven voor zijn Heer? Weinig dacht hij,
dat dit het juist was, wat zijn Heer den
volgenden dag voor hem zou doen!
Welk eene tegenstelling f Aan den
eenen kant «de rijkdom van Christus'
goedertierenheid, verdraagzaamheid en
lankmoedigheid» (Rom. H : 4; verg. 1
Tim. 1 : 16) — aan den anderen kant
afgunst en tweedracht, flauwheid, ondank-
baarheid, trouweloosheid en zelfs zwart
verraad!
Wu is dezelfde tegenstelling er
nog.
In deze klasse — is er een Petrus, is
er een Judas? Denkt gij, dat gij zulke
verschrikkelijke dingen niet hadt kunnen
doen? Maar de zwakheden en zondige nei-
gingen, die wij heden gezien hebben (ft^-
haal) — zijn die ook niet bij u ? En is er niet
een vijand, die even waakzaam is als ooit,
die «zoekt, wien hij zal verslinden»?
Maar Christus is ook dezelfde, (Hebr.
XIH : 8) liefhebbend, neerbuigend, lank-
moedig — komt tot Hem. Brengt eerst tot
Hem de zonden van het verleden, dan de
gevaren van het tegenwoordige en de
toekomst, en vraagt Hem, die voor Petrus
bad, ook voor u te pleiten (Zie Rom. VIH :
34; Hebr. VH : 25; 1 Joh. H : 1).
Aanteekeningen.
1. De volgende tabel doet ons de voor-
vallen van het Laatste Avondmaal zien.
1. Voorbereidselen voor het
Avondmaal.....
2. Strijd tusschen de disci-
pelen .......
3. Voetwassching ....
4. Toespraak daarover . .
5. De «eerste beker » wijn.
6. Aankondiging van het
verraad.......
7. Aanwijzing van den ver-
rader .......
8. Vreugde van Christus bij
het vertrek van Judas .
9. Instelling van hel Avond-
maal .......
10. Eerste waarschuwing tot
Petrus.......
11. Tweede dito.....
De grootste moeilijkheid in het doen
overeenstemmen van de verhalen is het
beslissen waar in Joh. XIH de instelling
van des Heeren Avondmaal gevoegd moet
worden; hetgeen daarna de vraag doet
oprijzen: Was Judas tegenwoordig of
niet? Over dit punt bestaat er groot ver-
schil van gevoelen bij de Schriftuitleggers.
Andrews (Leven van onzen Heer) noemt
zooals zij door de vier Evangelisten gerang-
schikt zijn:
Matth.
Vers 17—20
21—24
25
26—29
30—35
Mark.
Vers 12—17
18-21
22-25
26—31
Lukas.
Vers 7—14
24
25—30
15—18
21-23
19, 20
31-38
Joh.
Vers 1—11
12—20
21, 22
23—30
31, 32
33-38
een groot aantal namen op van welbe-
kende schrijvers, die tegenovergestelde
meeningen zijn toegedaan.
(a) Indien Judas tegenwoordig was, moet
de instelling geplaatst worden tusschen
vers 20 en 21 van Joh. XIH, hetgeen zeer
bezwaarlijk is, en de volgorde van Mat-
theus en Markus niet aangenomen worden.
Men zou alleen uil het nauwe verband