Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
271 LIX. DE OPWEKKING VAN LAZARUS.

Schets van de Les.
Is er ooit iemand, dien gij zeer lief hadt,
bij u aan huis gevaarlijk ziek geweest?
Angstige gezichten, zachte stemmen, be-
zoeken van den dokter — andere zaken
worden bijna vergeten voor die ééne zaak
— wie uwer heeft dat alles bijgewoond?
En indien een lid van het gezin of een
dierbare vriend ver weg is, wat gebeurt
er dan?
Zulk eene bezorgdheid heerschte nu te
Bethanië, in het ons bekende gezin (Fer-
wijs naar Les LVIH), zie vei^ 1. En zij
hebben een vriend, dien zij zeer liefheb-
ben, en die nu van hen verwijderd is —
waar? X:40; wat doen Martha en Maria?
Laten zij Hem roepen? Neen, maar (vers 3)
zij zenden Hem eene boodschap om het
Hem aan te zeggen, niets anders. Wat
verwachten zij, dat Hij doen zal? Tot haar
komen? Ja, dat zou het beste zijn, maar
gevaarlijk voor Hem, om zoo dicht bij
Jeruzalem te zijn (zie vers 8); en wat had
Hij voor den Galileeschen hoveling en de
Kananeesche vrouw gedaan ? (Joh. IV : 49,
50; Mark. VH : 29, 30) — had Hij zieken
genezen ? ja, en zelfs op een afstand; zou
Hij dat nu niet weder kunnen doen?
I. Een groote zegen wordt uit-
gesteld.
(a) Stel u voor hoe de beide zusters
bij den stervenden broeder waken en hem
verplegen — zij zien met ongeduld de
terugkomst van den bode te gemoet —
de stille Maria zwijgt en hoopt — de
bedrijvige Martha loopt naar buiten, en
met verlangen richt zij hare blikken op
den steilen weg, naar Jericho. Maar Lazarus
wordt erger en erger — geene vertroos-
tende boodschap — geene plotselinge
genezing door een onzichtbare Hand —
het leven neemt langzaam af — eindelijk
een laatste ademtocht — dood!
(b) Is er niemand, die de bedroefde
zusters komt troosten? Ja — priesters en
Schriftgeleerden komen met haast van
Jeruzalem naar gene zijde van den Olijf-
berg, om aan zulk eenachtenswaardiggezin
hunne deelneming te betuigen, vers 19
{zie Les LVIH, Aant. 3) — zeker ook de
gehuurde vrouwen, met hare luide wee-
klachten (Matth, IX: 23—25; Jer. IX: 17,
18) — het huis is vol van hen — maar
die Eén is er niet. Eindelijk komt een
man den heuvel op — maar slechts een
bode, en alleen — niet de Meester. — « Zal
Hij komen?» — «Hij zeide er niets van.»
(c) Wat is de boodschap? vers 4. «Niet
tot den dood!» — «Maar hij is reeds
dood — wat kan dat beteekenen?» Dan
denken zij misschien aan Naïn en Kaper-
naüm (Luk. VH : 15, VIH : 55) — «Zal
Lazarus opgewekt worden evenals de zoon
der weduwe en de dochter van den over-
ste? Deze hoop is weldra vervlogen —
twee, drie, vier dagen zijn verloopen —
« nu is het te laat, alles is voorbij! Waar-
om? Om het snelle bederf van lijken in
warme landen (Zie vers 39; verg. Luk.
XXIV : 21).
Waartoe is nu dit alles? Waarom (a)
had Jezus Lazarus niet genezen, (6) kwam
Hij niet dadelijk in Bethanië, (c) zond Hij
geene duidelijke boodschap?
Omdat Hij ongevoelig of onverschillig
was? Onmogelijk, zegt gij. Maar denk eens
na — gij hebt verdriet gehad {geef voor-
beelden) — misschien niet veel, en van
weinig beteekenis — maar God zond het
u toch — dacht gij, dat Hij u niet lief-
had? — Gij hebt er niet over nagedacht —
neen, maar hebt gij geklaagd, en uw lot
zeer hard gevonden? Wees er zeker van,
dat Hij u niet onnoodig wil bedroeven —
dat Hij eene bedoeling heeft met Zijne
beproevingen — gij hebt er behoefte aan.
{Voorbeeld. — Evenals het noodig is voor