Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
XLII. IN DEKAPOLIS. 191
Les XLII. — In Dekapolis.
uDocfi mijn God zal vervullen al uwe nooddruft----door Christus Jezus».
Te lezen — Matth. XV : 29—39; {verg. Mark. VII : 31—37; VIII : 1—9).
Te leeren — Jes. XXXV : 5, 6; Phil. IV : 19. (Gez. 194 : 1; Gez. 46 : 12, 31).
Voor den Onderwijzer.
De in het oog loopende punten voor practische toepassing zijn dezelfde, welke
in vorige Lessen zijn voorgekomen. Om eentonigheid te vermijden, zijn zij in
de Schets behandeld op eenigszins andere wijze dan die, welke vroeger is
aangegeven. Zoo zijn de ontoereikendheid van macht of iwedeZtyrfen op zichzelf,
het geestelijke doeleinde van tijdelijke zegeningen, en het treffende van het
gezicht eener groote menigte, nieuwe punten, die, als zij op bekwame wijze
door den onderwijzer worden voorgesteld, de leerlingen zeker zullen boeien.
De onderafdeelingen (b) en (c) van Afdeeling II zijn ter wille der volledig-
heid daar ingevoegd, en ook omdat in deze serie van Lessen dit de eenige
keer is, dat er in het bijzonder melding wordt gemaakt van de genezing van een
doofstomme. Maar zij zijn niet volstrekt noodig voor den algemeenen loop van
de Les en kunnen, zoo noodig, weggelaten worden.
Aan oudere leei lingen moeten de belangrijke omstandigheden, in Aant. 3 ver-
meld, aangaande het onderscheid tusschen de twee soorten van «manden», bij de
twee gelegenheden, dat het overschot der brokken werd opgenomen, duidelijk
worden uitgelegd. Zulke toevallige overeenkomsten vermogen veel om het geloof
in de waarheid der Schrift te bevestigen, en zij hebben het groote voordeel
dit rechtstreeks te doen, en niet bijwijze van antwoord op tegenwerpingen,
die uit twijfelzucht voortkomen.
Schets van de Les.
Eene groote menigte — zijt gij ooit te
midden van zulk eene geweest? — hebt
gij er wel eens van boven op neerge-
zien? Men kan de menschen er niet in
onderscheiden — zij maken samen ééne
massa uit — en toch, hoe verschillend
zijn zij in werkelijkheid! Indien wij ieder
afzonderlijk kenden — zijn tehuis, zijn
gezin, bezigheden, enz. — zijne zorgen,
droefheden, genoegens, enz. — wat hij
denkt en gevoelt, hetzij goed, hetzij kwaad
Toen Xerxes zijne blikken liet gaan over
zijn groot Perzisch leger, weende hij bij
de gedachte, dal geen van die allen over
100 jaar nog in leven zou zijn).
Weder was er iemand op aarde, die
groote scharen gadesloeg, en Hij wist alles
van ieder in het bijzonder.
Heden zullen wij zien, hoe eene groote
menigte tot Hem kwam — wat Hij ge-
voelde, wat Hij deed.
1. Eene schare van gebrekkigen {Lees
— welk een wonderlijk verschil zouden vers 29—31).
wij dan opmerken! Sommige dingen om Waarhebbenwij Jezus verlaten? Waarom
iemand blijde, maar hoeveel meer om in het verre Feniciê? {Herhaal). Hij reist
iemand treurig te stemmen! (Voorb. — I nog rond met de twaalf Apostelen — is