Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
152
XXXIII. TE(iENSTANI) VAN VIJANDEN EN VAN VRIENDEN.
Het onderwerp, dat wij nu voor ons hebben, is van zeer groot belang v/at
aangaat zijn practische toepassing.
Men moet natuurlijk voorzichtig zijn bij het spreken tot de kinderen
van «de zonde tegen den Heiligen Geest». Toch zijn godsdienstig opgevoede
kinderen in dat opzicht aan een bijzonder gevaar blootgesteld, en onder-
wijzers zullen wèl doen daarop te wijzen. — Zij kennen de groote waarheid
des Evangelies van vergeving uit genade door Christus, en somtijds worden
zij in het geheim tot zonde aangemoedigd door de gedachte, dat het gemak-
kelijk zal zijn naderhand berouw te hebben en vergeving te ontvangen; dit is de
kiem van dien gemoedstoestand, — het met bewustheid verwerpen van met
bewustheid ontvangen waarschuwingen der genade — welke de Heer in dit
gedeelte zoo ernstig beschrijft.
En hoeveel jongens en meisjes zijn er niet, die gaarne voor godsdienstig ge-
houden worden en het inderdaad ook wel wilden zijn, en toch deel zullen nemen
aan een gesprek of eene daad, die zij weten, dat slecht is, niet omdat hel
hun aanstaat, maar eenvoudig uit gebrek aan moed om alleen goed te wezen.
De tweede toepassing en de tweede tekst om te leeren hebben in het bijzonder
betrekking op deze gevallen.
Meerdere inlichtingen over bezetenheid zullen gevonden worden in Les XXI^
Aant. 1.
In deze Les, zoowel als in de andere, waarin veel naar de Schrift ver-
wezen wordt, is het de bedoeling, dat slechts eenige der aangevoerde teksten
bij het onderwijs gebruikt worden. Elke onderwijzer kieze die uit, welke het
best geschikt zijn voor zijne klasse.
Schets van de Les.
Hoe pijnlijk is het verkeerd begrepen,
bespottelijk gemaakt, valschelijk beschul-
digd te worden! — vooral wanneer wij
eene goede, liefdevolle daad verricht heb-
ben; wat wij goeds deden, voor slecht.
uitgemaakt te zien, enz. (Voorbeeld. —
Een zacht en waarheidlievend kind, dat
op school geplaagd en belasterd wordt
door zijne makkers). Wat had David niet
op deze wijze te verduren! Ps. XXXV :
11—15, 19—25, LVI : 6, 7, LIX : 4, 5.
Het ergst van al wanneer de behandeling
komt van bloedverwanten of vrienden,
zie Ps. XXXI : 12, XLI: 15, LV: 12—15,
LXIX : 8, 9, 21.
Maar Jezus (van wien David een type
was, zoowel in zijn lijden als in zijn
koninklijke macht) heeft meer te verdragen
gehad dan iemand anders. Heden zullen
wij er iets van zien.
I. De tegenstand.
1. Van vrienden {Zie Aant. 8), Wat
denkt de moeder van Jezus van al hetgeen
gebeurt — van Zijne prediking en won-
deren — het volgen der scharen, enz.?
Moet zij zich niet verheugen — zich
herinnerende wat de engel haar gezegd
had. Luk. 1:32 — Hij zou «den troon van
Zijn vader David» hebben? Maar nu is zij
twijfelmoedig — misschien denkt zij:
«Hoe vreemd! de oversten en leeraren
van het volk, de priesters en Schriftge-
leerden, verzetten zich tegen Hem in plaats,
dat zij Hem verwelkomen — hoe kan dat