Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
144
XXXI. GESCHILLEN OVER DEN SAIJBAT. 144
houden konden (Matth. XXIII : 4). Zoo
werd de Sabbat een last: de menschen
werden bang dit of dat te doen, uit vrees
voor de Farizeën. Was dit Gods bedoeling?
Maar de Farizeesche Sabbatsviering was
gelijk aan het overige van hun godsdienst —
alleen voor het uiterlijke. Zie dit aan —
{lees dit gedeelte) —
(a) Hun gedrag in de korenveldeti.
Waarom plukten de discipelen de aren,
Matth. XII : 1 ? Hoe kwam het, dat zij
hongerig waren? Zeer waarschijnlijk was
de menigte zoo groot, dat Jezus verplicht
was vele uren lang te prediken, zoodat
de maaltijden er dikwijls bij inschoten
(verg. Mark. Hl : 20, VI: 31). De Farizeën
hadden geen honger — de Sabbat is
voor hen een feestdag (verg. Luk. XIV: 1)
— zonder twijfel hadden zij overvloedig
gegeten. Wat hadden zij moeten gevoelen,
toen zij de arme discipelen de droge aren
zagen eten om hun honger te stillen?
Waren zij blijde, dat zij iets kregen?
Blijdschap was het gevoel; maar waar-
over? Omdat zij nu eene aanklacht konden
vinden {Zie Aant. 4). Was dit Sabbats-
viering met goede en heilige gedachten?
{b) Hun gedrag in de Synagoge. Zij
«namen Hem waar» (verg. Ps. XXXVH:
32, LVI : 6; Jer. XX : 40) — moesten
zij hiervoor in de Synagoge komen?
Waarom «namen zij Hem waar» ? Uit
liefde, of — ? Gehoorzaamden zij aldus
onzen te leeren tekst? En terwijl zij
er zoo op stonden, dat Jezus het Vierde
Gebod hield, welk gebod braken zij door
hunne liefdelooze blikken en woorden?
4 Joh. III : 45.
n. Hoe Christus den Sabbat
in acht nam.
Schafte Hij hem af? {Voorbeeld. —
Een architect, die een huis herstelt en
verbetert, breekt het niet af).
Zeide Hij, dat de Sabbat alleen voor de
Joden was, en, nu Hij was gekomen, te
niet gedaan kon worden? «Gemaakt om
den mensch» (Hoofdst. II : 27) — voor
iedereen; eene gift voor allen.
Indien het eene gift voor allen was,
heeft Hij dan gezegd, dat allen er mede
handelen mochten zooals zij verkozen?
Neen, omdat Hij niet vertrouwen kon,
dat zij er een goed gebruik van zouden
maken; daarom maakt God er wetten voor,
die wij moeten gehoorzamen. Maar Één
is «Heer» van den Sabbat {Zie Aant. 6)
— niet onder de wetten — Hij kan er
gebruik van maken zooals Hij wil — wie?
j (Hoofdst. H : 28). Waarom kan Hij dit?
i Niet alleen als God; als de «Zoon des
Menschen». Omdat Hij een volmaakt
mensch is — kan Hij vertrouwd worden.
En wie het meest aan Hem gelijk is,
heeft de meeste vrijheid om met den
Sabbat te doen wat hij wil, omdat dit
zeker goed zal zijn.
Maar welke is de rechte wijze om den
Sabbat te vieren? Zie dit uit hetgeen
Jezus aan de Farizeën antwoordde:
(а) Hoe rechtvaardigde Jezus het plukken
^ en het eten van het koren? Wat had de
j daad van David er mede te maken
(II: 25, 26)? David en zijne mannen hadden
honger — als zij geen voedsel ontvingen,
I waren zij niet sterk genoeg omvoorSaul
te vluchten — zij handelden dus tegen de
instellingen, omdat het noodig was. En
zie Matth. XII : 5 — priesters hadden het
bevel om op den Sabbat te werken {Zie
Aant. 5), omdat het noodig was. Dus
(a) de noodzakelijke arbeid moet gedaan
worden — de Sabbat mag geen last voor
ons zeiven zijn,
(б) Hoe rechtvaardigde Jezus de ge-
nezing? (IH : 4) — «een mensch te be-
houden of te dooden?» (Welk een verwijt
voor hen. Wat gingen zij beproeven en
doen? vers 6). Hoe rechtvaardigde dit