Boekgegevens
Titel: Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Deel: II: Nieuwe Testament
Auteur: Stock, Eugene
Uitgave: Rotterdam: D.A. Daamen, 1899
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1149
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206458
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen voor de zondagschool over het Oude en Nieuwe Testament
Vorige scan Volgende scanScanned page
XXXI. GESCHILLEN OVER DEN SAIJBAT.
143
teeken van dienstbaarheid in plaats van eene genadegift zou zijn — eene voorstelling,
die natuurlijk tot pralende nauwgezetheid aan den eenen, en tot ontevreden ver-
zet aan den anderen kant leidt. — Het groote doel van de begeleidende Schets
is dus om den Sabbat voor te stellen als eene goede gave, welke het geluk
der menschen beoogt, en slechts in hun eigen belang door de wet bewaakt wordt;
en om aan te toonen, dat, om werkelijk den Sabbat te kunnen vieren, men
het kinderlijke en gelukkige gemoed van een Christen moet hebben. Op deze
wijze kunnen de kinderen er toe gébracht worden om den rustdag lief te
hebben, terwijl elke poging om ze er toe aan te zetten zou mislukken.
Men houde zorgvuldig in gedachten, dat het eigenlijke wezen der instelling
de heiliging is van één dag uit de zeven; of deze dag de eerste of de zevende
is of welke andere ook, is van geenerlei belang. Zonder twijfel werd de eerste
dag tot wekelijkschen feestdag gemaakt ter herinnering aan de groote gebeur-
tenissen op Paschen en Pinksteren.
Over de lessen, naar aanleiding van de genezing der verdorde hand, zie
Les XXVIIL
Schets van de Les.
Hoe aangenaam is de Zaterdagavond
voor allen, die in de week hard werken
{haal voorbeelden aan).—Waarom? Om
het vooruitzicht van de Zondagsrust.
Wie rustte het eerst op den zevenden
dag, na zes dagen arbeids? Gen. H: 1—3.
En God heel t ingesteld, dat de mensch ook
een wekelijkschen rustdag zou hebben.
Waartoe? Om hem zijn genoegen te
ontnemen en verveling in de plaats te geven?
Of om hem gelukkiger te maken? Geen
waarschuwing met het oog op overtreders,
maar eene koninklijke gift.
Maar de menschen bederven alles, wat
God hun geeft. {Voorbeeld. — De inkt
maakt zwart alles, wat men er in doet).
Daarom gaf God het vierde gebod om Zijne
gift in stand te houden, om den menschen
te verhinderen, dat zij elkander van die
heilige rust berooven. Maar zij waren het
gebod ongehoorzaam, en bedierven de gift
weder. Op twee manieren: ten eerste door
den Sabbat tot een werkdag te maken
(zie Jes. LYI : 2, 6, LVIH: 13; Jer. XVH :
21—23; Neh. XIH : 15—22); de tweede
zullen wij straks zien. Toen Christus
kwam, was een van de dingen, die Hij deed,
de menschen aan te manen, dat zij meer aan
de giften Gods zouden denken en ze niet
bederven. Heden zullen wij nagaan hoe
Hij dit deed met den Sabbat (Zte >lanM).
I. Hoe de !Farizeën den Sabbat
in acht namen.
De Farizeën werden door het volk als
zeer godsdienstig geëerd; geen wonder,
want hun godsdienst was juist, wat «door
de menschen gezien» kon worden, alles
voor het uiterlijke — pialende barmhar-
tigheid, lange gebeden in het openbaar,
enz. (Matth. VI : 2, 5, 10, XXIH : 5, 14,
23, 25); maar wat hadden zijniet? (1«'«
tekst om te leeren); Matth.XXIII : 27,
28. Dus, terwijl zij zich geen moeite gaven
om eenige der Geboden te gehoorzamen
(het Vijfde, Mark. VH: 9—13;het Vierde,
Luk, XVI : 14), gaven zij zich groote
moeite voor het Vierde, omdat, indien zij
dit hielden, het «van de menschen gezien»
kon worden; zij maakten er harde wetten
bij, die God niet gegeven had — zij waren
zeer streng voor arme menschen, die er
niet altijd aan denken of ze niet altijd