Boekgegevens
Titel: Natuur- en huishoudkundig handboek
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen ;, 15: 2
Auteur: Stant, Cornelius
Uitgave: Amsterdam: C. de Vries, H. van Munster en zoon, J. van der Heij, 1814.
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen.
Opmerking: Bevat: Antwoord op de prijsstoffe: Een natuur- en huishoudkundig handboekje / door Cornelis Stant
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-930
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206414
Onderwerp: Geneeskunde: voeding (persoonlijke gezondheidszorg)
Trefwoord: Voedingsstoffen, Voedselveiligheid, Voedingsleer, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en huishoudkundig handboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
1
f
Si
Wv
»U;
F
1
T
( 7« )
want in het groote heeft men altlians daar niets van
aangeteekend. Ook kan zulk een bedrijf daar bij min-
der plaats grijpen, omdat de daders fpoeUig zouden
ontdekt en ook het gevvigt te weuiig kan vermeerderd
worden- —> Om deze ichadelijke veriiienging tc ontdek-
ken , waar van gelijke gevolgen , als van het bewaren
in Joden of tinnen varen is opgegeven, en vooral de
hevige pijnen van het loodkolijk met hare verlammingen
te vrezen zijn, is, in alle gevallen, fympatnetisch
proeivocht van hahneman, of de zwavellever alle-
zins gemakkelijk en dienstig: want na de vermenging
van een dezer dingen met de boter, wordt de bijnicn-
ging der metalen, door de zwarte nederploffing, zigt-
baar, cn de boter krijgt eene zwarte kleur.
Het verwen der boter met kurkuma, of andere on-
fchadelijke verfftofFen, is, hoe zeer onnoodig, evenwel
onfcbadelijk en geene vervalfching.
Het is mogelijk 5 dat mtn boter vervaardige uit de melk
van zieke beesten. Ik rade, echter, aan dezelve nim-
itier te gebruiken, omdat zij altoos moet verdacht ge-
houden worden van een voermiddel te kunnen zijn van
ziekte zaden. Wel is waar, men behoeft niet zeer veel
vrees hier voor te voeden, omdat zieke Koeijen wei-
nig melk geven, en bij voortdurende ongefieldheid ge-
heel droog worden: maar als de weinige melk, die
her beest, in het begin der ziekte, geeft, gekarnd
wordt, hoe en waar aan zal men die boter onder-
kennen? Dit is moeijelijk, zoo niet onmogelijk: want
hij die baatzuchtig genoeg is,om zulke boter, ten kos-
te van het gevaar zijner medeburgeren, tegen het in-
komen van eenige üuivers , te bereiden, zal ook alle
moeite aanwenden, om zijne ondeugende boter ais zoo-
danig, onkenbaar te maken en te verbergen. — Mis-
fchien dat een fijne tong iets onbepaalds vreemds ont-
dekte. In zoodanig een geval cn bij de kennis, dat er
eene kiekte onder het rundvee heerscht, houde men
altoos de boter verdacht, en koope ze nimmer zonder
die vooraf door de zinfuigen te onderzoeken.
Onze vaderlandfche Kaas ^ vzw zuivere, en door gee-
ne nadeelige omftanHigheden fchadelijk gewordene, melk
bereid , hoezeer eene taaije en lijmerige fpijze, die
alleen door goed ven erende magen moet gegeten wor-
den . is buiten alle vrees voor toevallige, nadeelige hoe-
danigheden te fchatten, v/ant de Hui- of Weikaas, an-
ders