Boekgegevens
Titel: Natuur- en huishoudkundig handboek
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen ;, 15: 2
Auteur: Stant, Cornelius
Uitgave: Amsterdam: C. de Vries, H. van Munster en zoon, J. van der Heij, 1814.
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen.
Opmerking: Bevat: Antwoord op de prijsstoffe: Een natuur- en huishoudkundig handboekje / door Cornelis Stant
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-930
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206414
Onderwerp: Geneeskunde: voeding (persoonlijke gezondheidszorg)
Trefwoord: Voedingsstoffen, Voedselveiligheid, Voedingsleer, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en huishoudkundig handboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
' ( 203 )
ten van allen gcliouden (♦). Men bekomt liaar in Ka-
basfen of biezen Korijes; terwijl de andere foorten ia
vaten of vierkante houten kistjes overkomen. Zij zijn
echter meest bekend onder den naam van Prunellcn,
eigenlijk Brunèlles, eene verbastering en ineenfmelting
yan de woorden Prunes de Brignolles, eene itad in
Provence , vanwaar zij , na gefchild , van de fteenen
'beroofd, in de zon gedroogd, plat gedrukt en ftcrk.
ingepakt te zïjn , in kleine langwerpige, vierkante doos-
jes , van binnen met wit uitgeknipt papier netjes be-
dekt, ontvangen worden.
Men heeft dezelve in Duitschland en Hongarijen uit
Kwetspruimen zoeken na te maken, dat redelijk wel
gelukt is , en ter onderfcheiding veel opicttcndiieid
vereischt.
5. Sints eenigen tijd heeft men ook Duitfche Prui-
men in gebruik gebragt; doch deze zijn onaangenamer,
zuurder cn eenigzins brandig van fmaak, en als de
minste te rekenen. Beter
6. Zijn de Duitfche Kwetspruimen, hoezeer zij voor
de Franfchen , in het algemeen, moeren onderdoen. Zij
zijn, offchoon fuiker bevattende, niet zeer voedend,
maar verkoelend en zacht afgang verwekkend.
Men moet bij voorkeur verkiezen die Pruimen, welke
zoet, vleezig, glanzig van kleur en zacht op het aan-
raken zijn, veel merg bevatten, gemakkelijk van dea
fteen fcheiden en geen fuikerftof opwerpen.
De Prunelleu of Prumellen moeten geelachtig bruin
van kleur, vleezig, heel en droog zijn, zoo dat de
fuiker, waar mede zij bedekt zijn, niet nat is (f).
De gedroogde Pruimen worden, geftoofd, en gekookt
als een aangenaam toevoegfel van vele fpijzen, in onze
keukens , gebezigd; meestal en te regt met bijmenging
van eene windbrekende fpecerij, waartoe de Kaneel,als
de aangenaamfte, algemeen gekozen is, en in gebak-
ken, vooral taarten, veel gebruikt; waartoe dan bij
voorkeur de Prunellen worden gekozen; ook dient men
de Prunellen behalve dat als Konfitnur voor. Als
een aangenaam geregt vinden zij ook haar plaats op
het desfert, wanneer men die veeltijds met gekonlijte
fnippers aanbiedt.
lU.
Vogel, lc. 261,
Ö) WoYTH, lc. Art. de Breynoles,