Boekgegevens
Titel: Natuur- en huishoudkundig handboek
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen ;, 15: 2
Auteur: Stant, Cornelius
Uitgave: Amsterdam: C. de Vries, H. van Munster en zoon, J. van der Heij, 1814.
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen.
Opmerking: Bevat: Antwoord op de prijsstoffe: Een natuur- en huishoudkundig handboekje / door Cornelis Stant
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-930
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206414
Onderwerp: Geneeskunde: voeding (persoonlijke gezondheidszorg)
Trefwoord: Voedingsstoffen, Voedselveiligheid, Voedingsleer, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en huishoudkundig handboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
m
m
' ( 150 )
Rijst bezit, en veel lijmachtig en voedend meel bevat,
waarom zij in foupen en brijen , met wijn of melk ge-
kookt , eene zeer voortreffelijke en voedende fpijze op-
levert , die voor gezonde lieden, maar vooral voor herftel-
lende zieken, ter verllerking, uitmuntend gefchikt is.
Al verder moeten wij, in onze huishoudkundige op-
merkingen omtrent de voon,brengfelcn van het Planten-
rijk, nu nog flil flaan bij die van hetzelve, welke wij
verdaan onder den naam van
8. Specerijen. Dewijl dezelve geene fpijs uitmaken,
maar alleen een door de weelde ingevoerd bijvoegfel
tot de fpijzen opleveren, ten einde die eenen beteren
fmaak mede te deelen, of derzelver verbetering te be-
vorderd] , hebben wij dezelve liever bij elkander verko-
zen te behandelen, dan wel ieder derzelver afznnderlijk
te plaatfen volgens de opgegevene verdeeling van dit
natuurrijk, daar wij, als dan, ter zake van een enkel
voorwerp, noch meerdere onderdetlingen zouden hebben
moeten opgeven, als: bij voorbeeld die van Basten,
voor de Kaneel; van Bloemen, voor de Nagelen en
Saffraan; van Zaden voor de Mostaard en diergelijken
meer. — Daarenboven vorderen zij allen flechts een
kort overzigt, omdat zij geene aanwijzing van voedlel-
kracht kunnen vereisfchen ; met geene gelijkende kunnen
vergeleken worden, en voor weinige vcrvalfingblootliggen.
1. De Muscaatnoot vordert, in den rang der Spe-
cerijen, de eerfle plaats. Zij is de welbekende, geu-
rige kern van dc olijfvorniige vrucht des tammen Mus-
Caatbooms Q') , die vooral op Banda , een derMolukfche
Eilanden, door dp Hollandfche O. I. Compagnie zorg-
vuldig is aangekweekt, en Wijfjes-Muscaaiboom ge-
noemd wordt. De Noot of liever de kern, zoo als
wij die gebruiken, is bijna rond van gedaante, ruim
één lood zwaar,uitwendig van eene grijze, aschvormi-
ge kleur, en e^ine netachtige, geribde oppervlakte, van
binnen purpurrood gemarmerd. Zij heeft eene zachte,
aangename , fpecerijachtige reuk en fmaak, de laatfte
een weinig bitter. Verder is zij zacht van weeffel,
ligt breekbaar, en bevat veel vlugge olie, want met
•een naald geftoken (wel te verftaan versch zijnde)
geeft zij terftond een olicachtig vocht uit. De beste
zijn die zwaar, redelijk groot, wel gevoed, versch,
vast en niet wormftekig zijn. — De Noten, die van de^i
wil-
(*) RJyristica offi^inalii L.