Boekgegevens
Titel: Natuur- en huishoudkundig handboek
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen ;, 15: 2
Auteur: Stant, Cornelius
Uitgave: Amsterdam: C. de Vries, H. van Munster en zoon, J. van der Heij, 1814.
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen.
Opmerking: Bevat: Antwoord op de prijsstoffe: Een natuur- en huishoudkundig handboekje / door Cornelis Stant
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-930
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206414
Onderwerp: Geneeskunde: voeding (persoonlijke gezondheidszorg)
Trefwoord: Voedingsstoffen, Voedselveiligheid, Voedingsleer, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en huishoudkundig handboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
k
C )
voof, alle dingen dient voorzigtig te zijn, vermits nieit
daarbij verfchijnfelen heeft waargenomen j die naar ver*
giftiging geleiten
2. Meerder aandacht verdienen die foort van Noten}
welke wij Kastagnes noemen, omdat deze, met veel
regt, onder de eigenlijke voedfcl mogen geteld worden ,
daar zij ook in die landen, waar zij als het ware na-
tuurlijk , en als Lands-inboorlingen groeijen , werkelijk
tot fpijze voor den min gegoeden dienen. — Zij be-
vatten veel meelllof en plantaardige lijm , alzoo veel
voedfelllof. Zij zijn zeer zwaar om te verteren, omdat
zij veel grof voedfel geven , en haar meel niet zeer op-
losbaar is. Zij zijn dus alleen, als eigenlijk voedfel
gebruikt, gefchikt voor ilerke , en aan zwaren arbeid
gewone menfchen. Hierom moeten dezulken , die een
zittend leven leiden, of zwak van geftel zijn , haar nim-
mer tot verzadiging, maar alleen, zoo als zij, trou-
wens , ook hier te lande gebruikt worden, tot verfna-
pering , als het ware als eene lekkernij, eten, want
haar zamentrekkend vermogen maakt, dat zij zeer ligt
verftoppingen veroorzaken. De goede , eetbare Kas-
tagne, wordt van de wilde, die ook in ons land over-
vloedig geteeld wordt, onderfcheiden door haren zoe-
ten fmaak, in tegenftelling van den bitteren fmaak der
wilde ; behalve , dat zoowel hare gedaante , als die van
den boom , waaraan zij groeit, haar, door den opletten-
den , genoeg van den laatstgenoemden doet onderkennen.
In
Deze vergiftigende eigenfchap des bitteren Amandels
wordt door daries QËpist. Grat, de Ancyd. et Oleo Amygd.
athereo') aan de wezenlijke vlugge Olie van denzelven, door
overhaling verkregen, toegekend,blijkens proefnemingen met
Vinken en Kikvorsfchen genomen, welke daar van bedwel-
mende en doodelijke toevallen ondervonden. En daar deze
Olie niet verkregen werd uit bittere Amandelen , die van"^
het huidje, dat haar onmiddelijk omgeeft, beroofd Waren,
even min als uit de zoete Amandelen; zou men met grond
kunnen befluiten, dat dat bruine huidje alleen die vlugge
Olie, en dus tevens die vergiftige hoedanigheid bezit, en
men veilig de tó/w? Amandelen kan gebruiken, als men flechts
vooraf zorgt, dat zij van dat bruine huidje geheel beroofd
worden, hetgene door eene korte weking in warm water
gemakkelijk gefchiedt; iets, hetwelke door onze Banketbak-
kers , die ons de dus genoemde Bktere-Koekjes , Amandel-
Kransjes , enz. bezorgen , wel in aanmerking mag wordea
genomen.