Boekgegevens
Titel: Natuur- en huishoudkundig handboek
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen ;, 15: 2
Auteur: Stant, Cornelius
Uitgave: Amsterdam: C. de Vries, H. van Munster en zoon, J. van der Heij, 1814.
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen.
Opmerking: Bevat: Antwoord op de prijsstoffe: Een natuur- en huishoudkundig handboekje / door Cornelis Stant
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-930
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206414
Onderwerp: Geneeskunde: voeding (persoonlijke gezondheidszorg)
Trefwoord: Voedingsstoffen, Voedselveiligheid, Voedingsleer, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en huishoudkundig handboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
C 91 )
dien ongezond; de doorgefneden korrel toont dan nog
faauw meel, en dit veroorzaakt alzoo dezelfde onge-
piakken, ^ie wij van het meel hebben opgegeven: min-i
der dan drie uren kokens is zelfs voor de klein gebro-
ken boekweitengort onvoldoende.
Overwegen wij nu , na deze algemeene aanmerkingen ,
de onderl'clieidene graanfoorten afzonderlijk.
I. De Rogge verdient voorzeker, als dat graan, dat
het meeste voedfel, vooral aan den Qiinvermogenden
vcrfchaft , de eerste plaats. — Zij .is eene gladde,
graauw-aschkl^urige zaadkorrel , kegelvormig van ge-,
daante , met een llonip voetfluk, twee lijnen lang, aan
de buiteiille zijde bol, en aan de binnenlla zij-Ie lang-
werpig ingefneden. Zq geeft wit, bijna fniukeloos meel;
maar dat met de bast vermengd, zoo als het in het da-
gelijksch gebruik voorkomt, zich graanw-aschverwig vcr-i
toont. Men vindt tweederlei rogge C'k fpreek hier
alleen huishoudkundig, want kruidkundig zijn er vier
foorten (*;) Winter en Zojner Rogge; de eerde le-
vert de zwaarlte korrel, en is daarom boven de ande-
ren te verkiezen , hoe zeer die witter meel geeft Ct);
de Oosterfche Rogge, die uit de Oostzee herwaarts
wordt aangevoerd j en in Oost-Priiisfen en Polen ge-
wonnen wordt, houdt men voor de beste van allen.
Pe Rogge bevat een eigenaardig zuur, dar zich door
den fmaak genoegzaam doet kepnjn,en door vele men-
fchen niet wel verdragen wordt. Daar dit tot de ei-
genfchappen van het koorn zelve behoort, is dit niet
wel voor te komen; de werkzaamlte levenswijze gevoelt
hier den minsten hinder.
lioe zeer de Tarwe meer voedende deelen bezit dan
de Rogge, gelijk uit hetgene wij reeds van het flijffel
hebben opgegeven, kan blijken , is echter het roggen-
brood liet algemeenfte , bestkoope, en tevens, zoo
ik mij verbeelde, hc: meeft vaste van alle broodfoor-
ten , omdat het de meeste lijmftof, cn tamelijk veel
fuikerltof bezit, offehoon weinig voedend meel. De
zwaarte van het roggenbrood hangt allerwaarfchijnlijkst
alleen daar van af, dat de Rogge grover gemalen , op
fommige plaatfen met een deel zemelen gemengd wordt,
^n geene zoo fterke gisting ondergaat ais de Tarwe. De-
zwaar^
(*) Cf. LINN. S-jSth. veget. p. m. 125.
^t) Spielman, I. c. p. 24.