Boekgegevens
Titel: Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Auteur: Fortanier, A.P.
Uitgave: Amsterdam: G.L. Funke, 1869
[S.l.]: Loman, Kirberger & Van Kesteren
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 295 B 29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206389
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Azië, Geschiedenis: geschiedenis van Amerika
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Vorige scan Volgende scanScanned page
69
verschansingen in het binnenland, terwijl hij de verdediging van
het kasteel en de overige forten aan de Tafelbaai aan den kolonel
von propholow overliet. Deze sloot spoedig een verdrag met de Engel-
schen, waarbij hij hun de Kaapstad met al de nabijgelegene sterkten
lafhartig overgaf. De bezetting werd krijgsgevangen gemaakt; doch
het bijzonder eigendom der burgers en gestichten zou ongeschonden
blijven ') Eenige dagen later sloot ook janssens eene capitulatie,
niettegenstaande het verlangen der kolonisten en inlanders en on-
danks zijne gunstige stelling, waardoor hij toevoer uit het binnen-
land kon krijgen en de overwinnaars zeer bemoeielijken. Bij deze
capitulatie, die volstrekt niet noodzakelijk was, maar waartoe zijne
officieren hem aanzette'n, verkreeg hij voordeelige voorwaarden,
vrijen aftocht en inscheping naar Nederland voor zijne geheele
krijgsmacht. Zoo kwam deze rijke bezitting op nieuw in de macht
der Engelschen, die haar van dien tijd af hebben behouden.
Een Engelsch eskader onder pellew (later Lord exmoüth) zeilde
ondertusschen naar Java en veroorzaakte daar de grootste onrust.
Er lagen op de reede van Batavia een 30tal bodems, zoowel oor-
log- als koopvaardijschepen. Van de eersten had men de bemanning
afgenomen, om, daar men geene nieuwe troepen uit het vaderland
ontving, daarmede het landleger te versterken. Door schrik aan-
gegrepen namen de oorlogschepen de vlucht naar de modderbank;
de officieren gunden zich zelfs den tijd niet om ze in brand te
steken of te doen zinken. Het plichtverzuim was algemeen; de
koopvaardijschepen trachtten nog aan het gevaar te ontsnappen, maar
een groot aantal viel zonder slag of stoot den Engelschen in
handen, die de overigen verbrandden, van het eiland Onrust al wat
bruikbaar was medevoerden, en de nieuw gebouwde magazijnen in
brand staken. Vijf dagen later vertrok het eskader, daar pellew
meende, dat de geheele zeemacht der Hollanders vernietigd was;
hartsinck echtcr had een gedeelte zijner macht bij Madura ver-
eenigd, dat hierdoor aan den overval der Engelschen ontkwam.
Omstreeks dienzelfden tijd gingen ook Suriname en Curagao ver-
loren. Het eerste, dat men door het aanleggen van vele nieuwe
') Deze bepaling is door de Engelschen, niettegenstaande alle vertoogen, schan-
delijk verbroken; want de eigendommen van de geoctrooieerde visscherij-societeit,
die geheel aan particulieren behoorde, werden verbeurd verklaard en zelfs iu
1814, bij de vereffening met Engeland, niet vergoed of teruggegeven.