Boekgegevens
Titel: Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Auteur: Fortanier, A.P.
Uitgave: Amsterdam: G.L. Funke, 1869
[S.l.]: Loman, Kirberger & Van Kesteren
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 295 B 29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206389
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Azië, Geschiedenis: geschiedenis van Amerika
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Vorige scan Volgende scanScanned page
67
Ten gevolge van den vrede herleefde de handel met nieuwe kracht, en
een tal van koopvaardijschepen werden naar de koloniën heengezonden
of keerden van daar met rijke ladingen terug. Men voer naar Oost-
lndië voor rekening der Eegeering en van bijzondere personen,
vooral naar Java om de aldaar opgestapelde produkten af te halen;
voor eigen rekening naar West-Indië om de plantages van het noodige
te voorzien en van het overtollige te ontlasten. Eene Commissie,
bestaande uit de heeren de mist en janssens, vertrok naar de Kaap
om deze gewichtige bezitting van de Engelschen over te nemen, en
eene andere Commissie van 7 leden werd benoemd om het bestuur
van de O. I. bezittingen der Eepubliek en haren handel beter te
regelen, en ten meesten voordeele der schatkist aan te wenden. Deze
stelde voor om de meeste bepalingen omtrent de verplichte leve-
ringen, en de contracten over de specerijen te laten voortduren; den
handel, onder zekere beperkingen, voor Nederlanders open te stel-
len; eene betere rechtsbedeeling in te voeren; den theehandel
op China met kracht aan te moedigen; alle willekeurige belastingen
af te schaffen; de heerendiensten te beperken; het lot der inlan-
ders te verbeteren en hunne zeden en gewoonten te eerbiedigen; en
eindelijk, om de ongezondheid, eene andere plaats te kiezen voor
den zetel des Bestuurs dan het oude kasteel te Batavia, en dien zoo
mogelijk te stichten op Weltevreden. Terwijl men deze voorstellen
overwoog, en daardoor de hoop koesterde dat de oude welvaart zou
herleven, barstte eensklaps de oorlog tusschen Engeland en Frankrijk
op nieuw uit, waarin wij als bondgenooten van het laatstgenoemde
rijk gewikkeld werden. Niet alleen werden daardoor onze verwach-
tingen verijdeld; maar de schepen die uit de koloniën terugkeerden,
en nog niets van de oorlogsverklaring vernomen hadden, vielen in
de macht der Engelschen; en de bezittingen op het vasteland van
O.-Indië, benevens Sumatra, die nog in hunne macht waren, bleven
in hunne handen. In de W.-Indiën hadden wij nog slechts Suriname
eu Curasao teruggekregen; de overige koloniën bleven door hen
bezet, omdat het weder uitbreken van den oorlog de teruggave be-
lette; zoodat onze koloniën zich in 1803 bepaalden tot Java, de
Kaap, eenige kleine eilanden in den Archipel, St. George del Mina
eu de overige forten op de kust van Guinea, Suriname eu Cura(^ao.