Boekgegevens
Titel: Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Auteur: Fortanier, A.P.
Uitgave: Amsterdam: G.L. Funke, 1869
[S.l.]: Loman, Kirberger & Van Kesteren
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 295 B 29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206389
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Azië, Geschiedenis: geschiedenis van Amerika
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Vorige scan Volgende scanScanned page
fiO
talen, en de handel op de West-Indiën toch altijd nog voordeelen
beloofde, richtten eenige leden der failliete Compagnie eene nieuwe
Maatschappij op, die de schulden en bezittingen der oude overnam,
wier handel zich uitsluitend tot de WesiJciist van Afrika en Middel-
Amerika zou bepalen, en die van de Algemeene Staten een nieuw
octrooi ontving voor den tijd van 25 jaren.
4.
De tweede W. I. Compagnie tot aan haren val.
De aard en de inrichting der nieuwe Compaguie verschilden eenigs-
zins van die der oude. Het uitvoerend bewind bestond uit tien
leden, „Kamer van Tienen^'' genoemd; het kapitaal beliep ruim 6
ton; en het doel dat zij beoogde was meer de alleenhandel, dan
het voeren van oorlogen om buit of grondbezit. Die alleenhandel
werd haar dan ook bij het octrooi toegekend, niet alleen op hetgeen
zij reeds bezat, maar op alles wat zij later nog zou verkrijgen, mits
blijvende binnen de grenzen aan de eerste Compagnie bepaald (zie
blz. 48).
Al dadelijk na hare oprichting waren de koloniën vier jaren lang
het tooneel van verschillende gevechten, die met afwisselend geluk
door de Engelschen en Eranschen werden geleverd, en waarbij
Cayenne en Tobago beurtelings genomen en hernomen werden. En
ofschoon bij den vrede van 1678 elke kolonie in de macht der toen-
malige bezitters bleef, de handelsvoordeelen waren niettemin zeer
gering geweest.
Suriname, dat in 1667 door de Staten van Zeeland was veroverd,
en dat zij, buiten de Unie om, voor zich alleen behielden, leverde
hun echter minder winst op dan zij verwacht hadden, en werd
daarom door hen in 1682 aan de W. I. Compagnie verkocht voor
f 260,000. Deze echter, reeds met een aanzienlijken rentelast be-
zwaard, en ziende dat haar kapitaal op den duur te klein zou we-
zen om deze nieuwe schuld te dragen, en zij geene rekening met
de nieuwe kolonie zou maken, verkocht reeds in het volgende jaar,
onder goedkeuring der Algemeene Staten, een derde aan de stad