Boekgegevens
Titel: Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Auteur: Fortanier, A.P.
Uitgave: Amsterdam: G.L. Funke, 1869
[S.l.]: Loman, Kirberger & Van Kesteren
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 295 B 29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206389
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Azië, Geschiedenis: geschiedenis van Amerika
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Vorige scan Volgende scanScanned page
56
ia liet ordelijk bestuur der onder hem geplaatste kolonie, dat
JOHAN MAüRiTS zich grooten roem verwierf. Hij verbond het Redf
door bruggen met het vasteland; breidde Maurits-stad zeer uit,
stichtte er een prachtig paleis, bevorderde landbouw, handel, kun^
sten en wetenschappen, moedigde het aankweeken van suikerriet
aan, en liet het binnenland onderzoeken, om den rijkdom van den
bodem te leeren kennen en goudmijnen te ontginnen. Weldra open-
baarden zich ook de gevolgen zijner goede maatregelen; en ware
het niet, dat de gedurige vijandelijkheden der Portugeezen hem
tot geweld hadden aangespoord, dat hij echter bij gebrek aan de
noodige krijgsmacht niet kon aanwenden, het zou hem gelukt zijn,
het Nederlandsch gezag in Brazilië te bestendigen. Maar verschil-
lende oorzaken belemmerden dit. Zoo was er tusschen Portugal en
Nederland eerst een wapenstilstand en vervolgens een vrede geslo-
ten, waarbij de beide staten in het bezit bleven hunner wederzijd-
sche volkplantingen; maar de Nederlanders zetteden, tijdens de on-
derhandelingen, toch hunne krijgsverrichtingen tegen de Portugeezen
voort, ondanks de klachten die door de regeering van Portugal
daartegen ingebracht werden. Eene samenzwering, door de in Ne-
derlandsch-Brazïlië gevestigde Portugeesche eigenaars van suiker-
plantages, werd ontdekt doch niet gestraft. En ofschoon johan
MAUEITS herhaaldelijk bij de Staten vertoogen inleverde tegen de
bevelen die zij hem toezonden, en aandrong op vermeerdering van
hulp, men luisterde er niet naar en ging op den verkeerden weg
voort; waarschijnlijk omdat de Compagnie, door het missen van den
buit, hare actiën aanmerkelijk zag dalen. Eene poging door hem be-
raamd, om Chili te veroveren, mislukte daardoor. Uit dien hoofde
verzocht hij, wars van het bestuur, andermaal zijn ontslag en ver-
kreeg dit eindelijk in 1643. Het duurde echter nog ruim een jaar
alvorens hij het bestuur kon nederleggen. Van alle kanten had men hem
pogen te bewegen om te blijven, want men vreesde in de kolonie
zelve, dat, als hij het gezag niet meer voerde, zij spoedig verloren
zou gaan. Maar te vergeefs. Hij droeg in 1645 het bewind over
aan den Hoogen Eaad, uit drie leden bestaande, gaf nog vele nut-
tige wenken en inlichtingen, en vertrok eindelijk naar het vader-
land, vergezeld van vele kooplieden, die nu reeds de kolonie voor
Nederland verloren achtten. Met veel eer in het vaderland ontvan-
gen, wijdde hij voortdurend zijne krachten aan den bloei der door
Ijem zoo wijs bestuurde volkplanting, en gaf door woorden, maar