Boekgegevens
Titel: Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Auteur: Fortanier, A.P.
Uitgave: Amsterdam: G.L. Funke, 1869
[S.l.]: Loman, Kirberger & Van Kesteren
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 295 B 29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206389
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Azië, Geschiedenis: geschiedenis van Amerika
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Vorige scan Volgende scanScanned page
52
mijleu ver in Zee zich uitstrekkende, voorzien van pakhuizen en
magazijnen, en door twee forten, eene reeks van klippen en een
verzand eilandje genoegzaam tegen eiken overval verzekerd. Eene
eerste poging van loncq om het te bemachtigen, mislukte; doch Je
Portugeezen, beducht dat zij op den duur geen meester van de
plaats konden blijven, verbrandden eerst alle schepen, pakhuizen
en koopwaren ter waarde van 2 millioen; en ofschoon zij zich
hardnekkig verdedigden, moesten zij toch het Recif ontruimen, dat
nu het middelpunt van onzen handel en van onze veroveringen in Bra-
zilië werd. Immers toen de Portugeezen herhaaldelijk pogingen hadden
aangewend om Olinda te hernemen, werd deze stad, om de onhoud-
baarheid harer stelling, ontmanteld en verwoest, en het Äecj/" daar-
entegen in geduchten staat van tegenweer gebracht. De Bewind-
hebbers regelden daarop het bestuur, benoemden een' Politieken
tóaad met een' Gouverneur en brachten de sterkte der bezetting
tot bijna 3000 man, behalve eene talrijke vloot. Op verschillende
wijzen werd het gezag en het grondgebied der Compaguie in Brazilië
uitgebreid. Hare krijgsmacht vermeesterde de provinciën Pernambucco,
Parahiba en Bio Grande, (1034) veranderde den naam der hoofdstad
vau Parahiba in dien van Frederiksstad, ter eere van den Stadhouder,
dwong een Portugeesch kamp bij Arrayal door den honger om zich
over te geven, en ondernam nog andere strooptochten en kleine ge-
vechten tegen de Portugeezen, die haar onder Albuquerque hardnek-
kig eiken voet gronds betwistten.
Ook iu andere streken vau Amerika was de Compagnie voorspoedig.
In 1633 werden door haar wel 90 schepen vau de Portugeezen ge-
nomen, en kreeg zij vasten voet te Truxillo in Honduras, te 8an
Francisco in de Campeche-baai, te Essequebo, Demerary ') en Berbice.
Dit laatste, vroeger het eigendom van eenige Zeeuwsche kooplieden,
kwam door het octrooi aan de W. I. Compagnie. Voorts veroverde
zij Curagao, St, Eustatius, Saba, Sint-Martin, Tobago enz. zoodat
haar gebied zich vrij ver uitstrekte.
Deze uitbreiding van grondbezit had zij echter niet verkregen,
dan ten koste van groote opofferingen. Om de Portugeezen te be-
strijden, die eene groote krijgsmacht zoo te land als ter zee in
') Essequebo en Demerary zijn eerst in het begin der 18e eeuw door de W. I.
Comp. tot koloniën aangelegd. Men noodigde landverhuizers uit om er de mijnen
te ontginnen, suikerriet aan te planten enz.