Boekgegevens
Titel: Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Auteur: Fortanier, A.P.
Uitgave: Amsterdam: G.L. Funke, 1869
[S.l.]: Loman, Kirberger & Van Kesteren
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 295 B 29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206389
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Azië, Geschiedenis: geschiedenis van Amerika
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Vorige scan Volgende scanScanned page
39
het, door de uitgave van velerlei geschriften, krachtdadig medegewerkt
tot de verspreiding vau kennis en licht.
Den zwaarsten slag leed echter de O. I, Compagnie in den oorlog
die in 1780 tusschen Nederland m Engeland mthavstte. Wel misluk-
ten de pogingen der Engelschen om zich vau de Kaapkolonie meester
te maken, en werden hun vele veroverde plaatsen in de Oost, als bv.
Trinconomale, vooral door de krachtige hulp van den Franschen vloot-
voogd DE süFFREN, weder ontrukt. Maar door lafhartigheid en vrees
verloor de Compagnie toch eenige buitenbezittingen, en vooral was het
verlies aan koopvaardijschepen, die met hunne rijke lading in 's vijands
lianden vielen, ontzettend groot. Ten overvloede was zij nog verplicht,
behalve het betalen der ontzettende oorlogskosten, die zij tot bescher-
ming van hare handelsvloot had moeten maken, bij den vrede van 1784
de kust van Voor-Indië (Negapatnani) aan de Engelschen over te laten en
de bepaling te dulden „dat de Staten beloofden en zich verbonden, de
vaart der Britsche onderdanen in de Oostersche zeeën niet te zullen
belemmeren." — Hierdoor werd dus aan het tweehonderdjarig
streven der Compagnie, om de Engelschen uit hunne bezittingen te
weren en het monopolie te behouden, op eens de bodem ingeslagen.
Thans openbaarde zich ook hoezeer haar krediet achteruit was
gegaan. Vele schuldeischers vorderden de teruggave der voorge-
schoten geldsommen; en toen de Staten van Holland de Compa-
gnie voor den tijd van één jaar van de aflossing vrijstelden, en den
Bewindhebbers een voorschot verleenden vau 12 tonnen gouds, werd
de ongunstige toestand geheel openbaar. Behalve de reeds opge-
noemde gebreken in het bestuur, hadden de verliezen in den En-
gelschen oorlog meer dan 21 mill. bedragen; uit Indië kwamen
gedurig aanvragen om geld; toezendingen van koopwaren van daar
hadden veel minder plaats, zoodat voor het dienstjaar 1783 eene
som van 14 mill. benoodigd was. Nu waren de Staten wel ge-
neigd om hulp te verleenen, doch eischten vooraf nauwkeurige
inzage der boeken en doortastende maatregelen van bezuiniging.
Terwijl men schoorvoetende daartoe overging, hadden er hier te
lande zooveel staatkundige woelingen plaats, dat er aan geene mid-
delen tot verbetering te denken viel, en was in het laatst vau 1789 de
schuldenlast reeds tot een bedrag van 74 millioen gestegen.
In het volgende jaar werd nu, op voorstel der Staten van Holland
en Zeeland, eene Commissie benoemd door de Staten-Generaal, om
den toestand der Compagnie op te nemen en voorstellen tot ver-