Boekgegevens
Titel: Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Auteur: Fortanier, A.P.
Uitgave: Amsterdam: G.L. Funke, 1869
[S.l.]: Loman, Kirberger & Van Kesteren
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 295 B 29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206389
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Azië, Geschiedenis: geschiedenis van Amerika
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
maetsuycker veel aandeel hebben gehad '). Jammer was het dat
ook deze Artikelbrief zoo vele bewijzen oplevert, dat het der Com-
pagnie slechts te doen was om de grofste winsten te maken. Im-
mers de bezoldiging der ambtenaren, van den grootsten tot den
geringsten, werd met de meeste karigheid geregeld; zoo zelfs dat
zij, door eene verandering in de specie waarmede zij betaald werden,
een verlies leden van 25 pCt. 's jaars. Geen wonder dan ook dat,
ondanks de strenge verbodswetten en strafbedreigingen, de smok-
kelhandel en het behaleïi van oneerlijke winsten op groote schaal
en schaamteloos gedreven werden; en menig ambtenaar, na een
meer of min langdurig verblijf in Indië, als een schatrijk man te-
rugkeerde ").
Eindelijk moet nog vermeld worden de veranderde betrekking
waarin de Compagnie omstreeks het jaar 1674 in Oost-Indië was
opgetreden. In de eerste jaren van haar bestaan was zij slechts een mach-
tig handelslichaam geweest met beperkt grondbezit. Slechts hier en daar
bezat zij factorijen en forten om den handel te beschermen, welke
laatste noodzakelijk waren geworden sedert zij, om haar monopolie te
verzekeren, handelsverdragen had gesloten, en krijgsvolk noodig had om
die te doen eerbiedigen. Maar zoodra zij bemiddelend optrad in de
onderlinge verdeeldheden der inlandsche vorsten, moest zij den
luister blijven ten toon spreiden waardoor zij indruk en ontzag
had verwekt; moest zij, om niet in minachting tc geraken, streven
ook naar de alleenheerschappij in Indië Meer dan eens bleek
hare macht in de vernedering van opgestane vorsten; met graagte
werd hare hulp aangenomen, ja soms met groote opofferingen ge-
kocht. Meesterlijk wisten maetsuycker en zijne onmiddellijke op-
volgers daarvan partij te trekken, en weldra stond de Oost-Indische
') Zoo werd het Groot-Plakkaatboek onder hem voltooid. Een uittreksel daaruit
genomen heette; Statuten van Batavia, naar welk uittreksel jaren lang in Indië
recht werd gesproken.
^ Tot een staaltje moge dienen, dat het vermogen van de Gouverneurs-Generaal
valckeniek op vijf, cn van hoorn op tien millioen werd geschat; en zulks niet-
tegenstaande hun traktement slechts 20 a 30 duizend gulden 's jaars bedroeg.
Deze toestand was een natuurlijk gevolg der omstandigheden. In den oorlog
nemen de zwakkeren altijd hunne toevlucht tot machtige naburen. En mogen er
aan de oorlogen in Indië, door de Europeanen gevoerd, onrechtvaardigheden kle-
ven, zeker is het dat aan de onderlinge oorlogen en rooftochten een einde ge-
maakt, de willekeur en dwingelandij der hoofden beteugeld en ook daardoor aan
Java eene weldaad bewezen is.