Boekgegevens
Titel: Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Auteur: Fortanier, A.P.
Uitgave: Amsterdam: G.L. Funke, 1869
[S.l.]: Loman, Kirberger & Van Kesteren
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 295 B 29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206389
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Azië, Geschiedenis: geschiedenis van Amerika
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis van het ontstaan en de ontwikkeling der Nederlandsche koloniën
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
kinderen, om zich op Amhoina neder te zetten. Ook werd door
hem de tijding van het Twaalfjarig Bestand medegebracht, waaraan
zich echter geene der partijen stoorde. Eene zijner eerste daden
was het verkrijgen van eene algemeene en veilige plaats van sa-
menkomst, tot vereenigingspnnt voor den handel. Zij moest betere
waarborgen aanbieden dan die van Bantam, waar men van de in-
landsche vorsten allerlei tegenwerking en knevelarij te verduren
had. Hij kocht daartoe van den vorst van Jacatra 50 vademen
gronds in het vierkant voor 1200 realen van achten, en liet
daarop eene steenen loods bouwen tot berging der goederen, die
uit verschillende punten van den Indischen Archipel SLmV^Amen, ova
vandaar naar Europa te worden overgescheept. Hij noemde haar
Maurits, en sloot met den vorst een verdrag, waarbij aan de Com-
pagnie de alleenhandel, den vorst daarentegen de hulp der Hol-
landers tegen zijne vijanden werd toegezegd.
Onder hem en zijne onmiddellijke opvolgers reynst en reaal
breidde zich de macht der Compagnie hoe langer hoe meer uit.
De Portugeezen en Spanjaarden werden herhaaldelijk verslagen,
de Engelschen van de Banda-eilanden en Amhoina verdreven,
bezittingen verkregen of handelsbetrekkingen aangeknoopt, en
het octrooi krachtdadig gehandhaafd. Zoo werden de schepen
van sCHOüTÉN en lemaire in 1616 wegens schending van het
octrooi in beslag genomen, ofschoon de Algemeene Staten de
Compagnie, na het proces dat daarover gevoerd werd, tot het be-
talen van 58000 Gld. schadeloosstelling noodzaakten.
In 1617 werd door de Bewindhebbers tot Gouverneur-Generaal
benoemd jan Pieterszoon koen, een man, die zich onderscheidde
door groote talenten, onverdroten ijver, onkreukbare trouw en streng-
heid van karakter tot onbillijkheid toe; maar die door zijne geest-
kracht de eigenlijke grondlegger is geworden der Nederlandsche
opperheerschappij in Indië. Het eerste jaar van zijn bestuur was
voor de Compagnie op Java hoogst bedenkelijk; het gold „te zijn
of niet te zijn."
Koen was reeds eenige jaren in Indië als Directeur van den
handel werkzaam geweest, en aanvaardde het bewind juist in den
rechten tijd, om het besluit van de Kamer van Zeventienen, omtrent
een versterkt punt, Rendez-vous geheeten, te kunnen uitvoeren.
Dit besluit behelsde, dat men trachten moest het eiland Banka te
koopen, of anders eene streek op Java nabij Jacatra met een om-