Boekgegevens
Titel: Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Auteur: Babo, Lambert von; Meijlink, Bernardus
Uitgave: Deventer: A. ter Gunne, 1849
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1172
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206375
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: grondbewerking (landbouw)
Trefwoord: Landbouwchemie, Bodemchemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Vorige scan Volgende scanScanned page
04
stand gebruikt. liet gebrande gips heeft, vooral
wanneer men zijne meerdere kosten in aanmer-
king neemt, weinig waarde boven het ongebran-
de, en men kan daarom altijd veilig het laatst-
genoemde gebruiken, vooral wanneer men dit in
groote hoeveelheden aanwendt.
Aangaande den geschiktsten tijd, wanneer het
gips moet aangewend worden, valt nog al het een
en ander op te merken. Gewoonlijk werpt men
het gips niet op den grond, maar bestrooit er
de bladeren der planten mede, wanneer deze
reeds aan het opgroeijen zijn, en dit het liefst,
wanneer dauw of regen hen heeft bevochtigd.
Zóó noodzakelijk is dit vereischte zelfs, dat men
van een overgipsen bij droogte, of wanneer
daarna langdurige droogte volgt, weinige of
geene uitwerking kan verwachten. Dit vocht lost
dan het gips op en doet zijne .bestanddeelen
door de bladeren opnemen, doch er moet altijd
veel op den grond vallen, dat door de zomer-
di'oogten, zonder eenige uitwerking te doen, ver-
loren gaat. Velen raden daarom aan om in het
najaar het gips uit te strooijen, als wanneer de
wintervochtigheid het oplost en geschikt maakt,
om door de wortels der planten opgenomen te
worden. Ten einde zeker van zijne zaak te zijn,
zou men dus in het najaar en in het voor-
jaar tevens kunnen gipsen, vooral op klaver. Voor
hennip kon men de tweede helft der hiervoor be-