Boekgegevens
Titel: Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Auteur: Babo, Lambert von; Meijlink, Bernardus
Uitgave: Deventer: A. ter Gunne, 1849
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1172
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206375
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: grondbewerking (landbouw)
Trefwoord: Landbouwchemie, Bodemchemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Vorige scan Volgende scanScanned page
GO
in het algemeen moet de kalk boven in den grond
blijven. Met water aangelenigd en over mossige
weiden gesproeid, doet de kalk mede goede dien-
sten, omdat hij hier geen zand bereikt en mortel
vormen kan, alsmede in hoopen van plantaardige
stoffen. Bij het gebruik van kalk is het beter
om telkens met kleine hoeveelheden te werken,
dan bij groote tusschenpoozingen met grootere
massa's. De hoeveelheid, die gebruikt wordt,
verschilt van 80 tot 120 mudden op den bunder.
De kalk in Nederland verkrijgbaar, komt of, on-
der den naam van Munsterkalk, van de Praissi-
sche grenzen nabij Winterswijk en Eibergen, waar
krijtbeddingen aanwezig zijn; of, als maaskalk,
van de kalkrotsen in Luikerland; of van binnen
's lands gebrande zeeschelpen. Den schulpkalk
bluscht men terstond na het branden in het zoo-
genaamde Bluschhuis, en. deze komt daardoor niet
ongelescht in den handel voor.
Wij moeten bij nog eene eigenschap van den
kalk blijven stilstaan, die hij met de potasch en
de soda gemeen heeft; doch omdat deze om hare
kostbaarheid hiertoe niet te gebpiiken zijn, zoo
behoort er hier melding van gemaakt te worden.
De gewone koolzure kalk, namelijk, is een van
die zouten, welke andere zuren zeer gemakkelijk
ontleden, terwijl zij zich met den kalk vereeni-
gen en het koolzuur losmaken. Eveneens we-
ten wij, dat er zoogenoemde zure gronden zijn.