Boekgegevens
Titel: Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Auteur: Babo, Lambert von; Meijlink, Bernardus
Uitgave: Deventer: A. ter Gunne, 1849
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1172
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206375
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: grondbewerking (landbouw)
Trefwoord: Landbouwchemie, Bodemchemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Vorige scan Volgende scanScanned page
58
zich in de longen bevindt, uit het ligcliaam heeft
opgenomen, en dit wordt dan als koolzuur weder
uitgeademd.
Daar de koolstof het hoofdbestanddeel der plant-
aardige en dierhjke zelfstandigheden is, zoo ver-
bindt zich, bij de verbranding, de zuurstof der
lucht met deze koolstof tot koolzuur, dat zich als
gas weder in den dampkring verspreidt. Hiertoe
is echter, zoo als van zelve spreekt, een zekere
warmtegraad noodig. Koude ligchamen branden
niet gemakkelijk, maar moeten eerst verwarmd
worden. Wij zien dit reeds bij het aansteken
eener kaars: de pit moet eerst behoorlijk ver-
warmd zijn, alvorens zij zal ontbranden. Hoe
spoediger zich echter de zuurstof met de koolstof
verbindt, des te spoediger gaat ook de verbran-
ding voort. Hoe sterker een vuurhaard trekt, en
hoe meer lucht er in eenen bepaalden tijd wordt
aangevoerd, des te spoediger zal ook de brand-
stof verbranden. Bij hare verbinding met de kool-
stof, laat do zum'stof hare gebonden warmtestof
los, en is alzoo de oorzaak der warmte, die bij
alle verbranding ontstaat, evenzoo is zij ook de
oorzaak van het licht, dat wij hierbij waarnemen.
Hoe meer 'zuurstof zich dus op eenmaal met de
koolstof verbindt, des te meerdere warmte en
licht zullen wij gewaar worden. Wanneer wij
nu nagaan hoeveel brandstof er dadelijks wordt
verbruikt, dan kunnen wij eenigzins berekenen,