Boekgegevens
Titel: Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Auteur: Babo, Lambert von; Meijlink, Bernardus
Uitgave: Deventer: A. ter Gunne, 1849
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1172
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206375
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: grondbewerking (landbouw)
Trefwoord: Landbouwchemie, Bodemchemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Vorige scan Volgende scanScanned page
172
warme luchtsgesteldlieid, liet ontleden van den
grond ieer wordt begunstigd. Hoe meer vol-
komen dit plaats lieeft, des te rijker wordt de
grond aan oplosbare stoffen, en dat een dusdanig
rijker worden even als eene bemesting werkt, be-
lioeven wij thans niet meer te herhalen.
Dit ontleden kan men echter ook nog door an-
dere kunstmiddelen bevorderen. Wij weten, dat
de mest vooral ook door zijn koolzuilr werkt.
Eene dergelijke werking nu oefent ook de ge-
brande kalk uit, en daarom, gèlijk wij boven za-
gen, bestrooit de landbouwer in Schotland zijnen
zwaren kleigrond hiermede in den herfst. Ook
wij kunnen dezen met goed gevolg op onze klei-
gronden aanwenden, gelijk in de Betuwe reeds
meer en meer in zwang schijnt te komen. De
vraag is slechts, of de hooge prijzen, die wij
voor den kalk betalen moeten, en die hoofdzakelijk
door het aanvoeren op eenen verren afstand te
weeg worden gebragt, door de verkregen uit-
komsten worden vergoed. Wij kumien echter
door een vlijtig bewerken van den grond, zeer
vele van deze voordeden verkrijgen. Daar tegen
schijnt wel het gebruik bij de tabaksplanters te^
strijden, die in den regel hunne akkers gedurende
den winter onaangeroerd laten liggen; maar deze
vergoeden het minder verweren der bestanddeelen
van den grond, door het aanbrengen van eene
zeer sterke bemesting. Juist hier doet zich de