Boekgegevens
Titel: Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Auteur: Babo, Lambert von; Meijlink, Bernardus
Uitgave: Deventer: A. ter Gunne, 1849
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1172
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206375
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: grondbewerking (landbouw)
Trefwoord: Landbouwchemie, Bodemchemie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Akkerbouw-scheikunde of Kort begrip van de scheikundige grondwaarheden, welke de landbouwer behoort te kennen, ten einde zijnen akker behoorlijk te behandelen
Vorige scan Volgende scanScanned page
r


128
Het is duidelijk, dat, wanneer men troebel wa-
ter tot bet vloeijen gebruikt, dit ook eene aan-
zienlijke hoeveelheid eigenlijk mestende stoffen,
die er werktuigehjk mede vermengd zijn, op het
weiland zal doen bezinken; doch hierbij zullen
wij niet stilstaan, omdat wij thans alleen het
vloeijen met gewoon telder water bedoelen.
Sommigen zijn van gevoelen, dat er nog an-
dere gebreken van den grond, b.v. eene te groote
hoeveelheid van zuren, van zwavelzuur ijzer enz.
door het vloeijen kmmen verholpen worden; doch
zulk eene uitwerking mag men in het alge-
meen niet verwachten; integendeel, stelt men zich
iets goeds van het aanleggen eener vloeiweide
voor, dan behoort men alvorens den grond van
dergelijke gebreken te zuiveren.
Wij zouden hier nog andere middelen, om den
grond te verbeteren, kmmen opsommen; maar
eene te groote menigte van dusdanige voorschrif-
ten veroorzaakt ligt verwarringen; bovendien, wan-
neer . men zich de grondbeginselen, waarop dit
alles berust, goed eigen heeft gemaakt, dan zal
mqn zich ook bij alle voorkomende gelegenheid
zeiven kmmen helpen.
Laten wij alzoo thans liever overgaan , tot het
beschouwen van die mestsoorten, welke (*) ge-
schikt zijn, om aan een bepaald gewas een be-
(') Zie blatlz. 108.